Profiel zaak Holleeder: Willem Endstra

Willem Endstra voldoet aan het profiel dat vele van de vermeende slachtoffers van Willem Holleeder delen. Eerst zijn ze met hem bevriend en uiteindelijk worden ze vermoord met Holleeder als verdachte opdrachtgever. In 2009 wordt Holleeder veroordeeld tot negen jaar cel voor het afpersen van onder andere Endstra. 

Het is 17 mei 2004 als een vrouw in de keuken van haar woning in Amsterdam-Zuid staat en vanaf 10.00 uur met enige regelmaat uit het raam kijkt. Ze ziet een man zitten op een bankje in het plantsoen aan de Apollolaan in wat lijkt op een rood trainingsjack. De man valt haar op omdat hij daar al de hele ochtend zit. 

De man in de rode jas wordt volgens de vrouw aangesproken door een man in een lange leren jas, waarop de man van het bankje opstaat en vertrekt. Niet veel later hoort zij vijf of zes knallen. Als ze weer naar buiten kijkt, herkent ze de man in de rode jas die in de richting van de Beethovenstraat loopt. 

Endstra

Het gaat om de liquidatie van Willem Endstra en het neerschieten van zijn zakenrelatie David Denneboom. Even na twaalven verlaten zij beiden het kantoor van Endstra op Apollolaan 109. Een man komt op hen af gelopen die eerst Denneboom in zijn knie schiet. Daarna wordt Endstra met vier kogels neergeschoten. Hij overlijdt een uur later in het ziekenhuis.

Het Openbaar Ministerie weet vrijwel zeker dat de schutter Namik Abbasov is. De 47-jarige Rus overlijdt op 14 maart in 2012 in detentie, maar alle bewijzen wijzen zijn kant op.

Peuken

Zo wordt er negen dagen na de moord op Endstra in de buurt van het plaats delict een Mercedes Vito busje aangetroffen. De politie vermoedt dat het voertuig is gebruikt als observatiebus en stelt enkele peuken, een rietje en een bundel vezels veilig.

Drie maanden later wordt er door de politie een donkerblauwe Alfa Romeo gevonden in Amsterdam West. In het dashboardkastje ligt een plastic zak met daarin twee wapens. Op basis van de gevonden hulzen weet de politie dat een van de wapens is gebruikt bij de liquidatie op Endstra. Achterin de auto ligt een rode jas met op de rug een winkelhaak.

DNA

Als de politie de vezels uit het busje vergelijkt met de jas, blijken deze overeen te komen. Daarnaast wordt er op de hulzen, het rietje en de peuken DNA aangetroffen dat van Abbassov is. Op het gebruikte wapen en de patroonhouder is eveneens een DNA-spoor aangetroffen dat overeenkomt met dat van de Rus. De conclusie is duidelijk.

Maar zijn drie vermeende handlangers worden vrijgesproken. De rechtbank stelt dat er ter aanzien van alledrie de verdachten in deze zaak veel is dat "populair gezegd stinkt". Desondanks is er naar oordeel van de rechter onvoldoende vast komen te staan dat de mannen betrokken zijn bij de moord op Endstra. De zaak loopt nog in hoger beroep.

Afpersingen

Als Endstra komt te overlijden is hij al een groot deel van zijn zakenimperium kwijt. Het is het gevolg van zijn vriendschap met en door afpersingen van Willem Holleeder. Het verhaal wordt duidelijk uit de vele gesprekken die Endstra voert met de politie, die bekend komen te staan als de achterbankgesprekken.

De relatie tussen Holleeder en Endstra begint midden jaren negentig als een hechte vriendschap. De twee leren elkaar kennen als mede-Heinekenontvoerder Cor van Hout en Holleeder op het Leidseplein groots vieren dat zij hun straf hebben uitgezeten.

Verleden

Endstra is aanwezig op dat feest en raakt met Holleeder aan de praat. Endstra vindt dat het verleden van Holleeder een vriendschap niet in de weg zit omdat hij de woorden van spijt over de ontvoering gelooft.

Mensen in de omgeving van Endstra vertellen dat Holleeder zich in de eerste jaren van de vriendschap ook erg verdienstelijk maakt ten opzichte van de zakenman.  

In het boek Verraad, de misdaadbiografie van Willem Holleeder, van NRC-journalist Jan Meeus, val te lezen dat Holleeder en Endstra in de jaren negentig samen in het vastgoed gaan. Holleeder heeft een eigen bouwbedrijf die namens Endstra verbouwingen uitvoert in panden die de zakenman aankoopt.

Witwassen

Maar er is een schaduwzijde. Het vermoeden van justitie dat Endstra crimineel geld witwast, wordt bevestigd door een befaamd interview dat crimineel John Mieremet (2005) heeft met John van den Heuvel, van De Telegraaf in 2002.

Mieremet vertelt dat hij eind jaren negentig samen met zijn criminele zakenpartner Sam Klepper (vermoord in 2000) en Holleeder besluit vermogende zakenmensen af te gaan persen, veelal bekenden van Endstra. Het geld wordt witgewassen via vastgoedtransacties door de zakenman. 

Bankier

Het bezorgt Endstra de naam: 'bankier van de onderwereld'. Zijn ontkenning dat hij vriendschappelijke banden onderhoudt met Holleeder, wordt teniet gedaan door de publicatie van de beroemde foto van hem en Holleeder op een bankje door zakenblad Quote.

Kennissen en zakenrelaties laten Endstra vanaf dat moment vallen. Pas na de dood van Endstra wordt goed duidelijk hoe er miljoenen zijn witgewassen via zijn vastgoedconcern. In 2015 betalen de erven van Endstra een bedrag van 40 miljoen euro aan de Staat om vervolging voor witwassen af te kopen.

Afpersingen

Uiteindelijk ontkomt Endstra zelf ook niet aan de afpersingen. Befaamd is de afpersing die plaatsvindt op het kantoor van advocaat Bram Moszkowicz. Onder bedreiging van geweld tegen zijn persoon en zijn familie betaalt hij tussen 2002 en 2004 miljoenen aan Holleeder.

De Staat schat het afgeperste bedrag op iets meer dan 17 miljoen euro en op dit moment loopt er een zaak om Holleeder dat bedrag te ontnemen.

Moord

De verdenking dat Holleeder achter de moord op Endstra zit wordt op de pro-formazitting van 18 juni toegevoegd aan de tenlastelegging. Het OM zegt dat er mede dankzij de verklaringen van de zussen en zijn ex, sterke bewijzen zijn dat Holleeder achter de liquidatie zit.

De zakenman heeft altijd verklaard dat als hem iets overkomt, Holleeder verantwoordelijk is voor zijn dood. Of er ook voldoende ondersteunend bewijs is, is de vraag.

Lees meer over:
Tip de redactie