De Raad van State vindt de initiatiefwet van D66 voor een vrijwillig levenseinde (Wet voltooid leven) nog niet zorgvuldig genoeg om te behandelen. Er moet zorgvuldiger bepaald worden dat iemand zich echt klaar voelt voor euthanasie.

Het adviesorgaan heeft dit in december 2020 al vastgesteld, maar het advies is vrijdag pas gepubliceerd. De wet, die in 2020 door toenmalig Kamerlid Pia Dijkstra (D66) werd ingediend, moet euthanasie voor ouderen die niet ongeneeslijk ziek zijn (vanaf 75 jaar) mogelijk maken als zij vinden dat hun leven 'af' is.

Het is belangrijk dat vastgesteld kan worden dat mensen echt dood willen, zegt het hoogste adviesorgaan. Ook moet zeker zijn dat zij er goed over nagedacht hebben, niet meer twijfelen en dat hun doodswens geen verband houdt met andere problemen, bijvoorbeeld met hun financiële situatie. De Raad van State raadt aan om meer waarborgen in te bouwen voordat het wetsvoorstel in behandeling genomen wordt.

Hulp bij zelfdoding blijft in het initiatiefvoorstel in principe strafbaar, tenzij het gaat om ouderen van minimaal 75 jaar. Ook moet aan een reeks zorgvuldigheidseisen worden voldaan. Zo moet de oudere wilsbekwaam zijn, moet er minimaal twee maanden bedenktijd tussen het eerste en het definitieve verzoek zitten en moet zijn vastgesteld dat het een vrijwillige en weloverwogen keuze is.

Die twee maanden bedenktijd voldoet in ieder geval niet, oordeelt de Raad van State. Ook vindt het adviesorgaan dat de oudere en degene die hem of haar bij de wens tot sterven gaat begeleiden na onderzoek samen tot de conclusie moeten komen dat er "geen redelijke andere oplossing" is om het lijden te verzachten en de doodswens weg te nemen. Die waarborg staat nu niet in de wet.

Het hoogste adviesorgaan heeft ook vraagtekens bij de leeftijdsgrens van 75 jaar en wil een betere en op onderzoek gebaseerde onderbouwing zien.

De Raad van State in het kort:

  • Het is de hoogste algemene bestuursrechter van Nederland.
  • Een van de taken van het onafhankelijke orgaan is het geven van advies over wetgeving.
  • Dit is verplicht bij wetten die de regering naar de Kamer stuurt, maar kan ook gevraagd worden bij initiatiefwetten van Kamerleden.
  • De regering of Kamerleden hoeven de adviezen niet per se op te volgen, maar de adviezen wegen wel zwaar.
  • Na een advies kan de indiener de wet aanpassen of onveranderd laten.

Medisch-ethische kwesties liggen gevoelig in de coalitie

Het wetsvoorstel van Dijkstra ligt erg gevoelig in de coalitie, net als andere medisch-ethische kwesties. Deze vraagstukken waren maandenlang een groot struikelblok in de mogelijke samenwerking tussen D66 en de ChristenUnie. Maar ook het CDA is er geen voorstander van.

In het coalitieakkoord is dan ook afgesproken om deze vraagstukken als vrije kwesties te laten aan het parlement. Dit betekent dat Kamerleden een eigen afweging mogen maken. Daardoor kan het voorkomen dat er binnen een fractie verschillend wordt gestemd.

Het is de vraag of de wet in de komende kabinetsperiode wel behandeld gaat worden. D66 neemt de tijd om het advies van de Raad van State "uitgebreid en zorgvuldig" te bestuderen, laat een woordvoerder weten. "We blijven in nauw overleg met betrokkenen en mensen in de samenleving. Hiermee doen we recht aan de complexiteit en zwaarte van het onderwerp."

Bovendien was het, ook voordat het advies naar buiten kwam, onzeker of er een meerderheid in de Tweede Kamer is voor het initiatief. Uit onderzoek van begin 2020 blijkt dat de groep ouderen die zonder ernstige ziekte levensmoe zijn en dood willen klein is. Een veel groter deel van de ouderen die levensmoe zijn, vinden dit niet ondraaglijk.

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers deed eerder al de belofte niet deel te nemen aan een kabinet dat deze wet uitvoert. Als de wet zou worden aangenomen, is de kans dus groot dat het ondertekenen van het voorstel vertraagd wordt.