Volt-leider Laurens Dassen draait de schorsing en het uit de fractie zetten van Nilüfer Gündogan terug. De partij geeft hiermee gevolg aan het vonnis van de voorzieningenrechter in Amsterdam. Die bepaalde woensdag dat de schorsing en het ontslag uit de fractie van Gündogan onrechtmatig waren. Dassen en Gündogan gaan "zo snel mogelijk" onder begeleiding van een bemiddelaar met elkaar in gesprek over de verstoorde relatie.

Volgens de rechter heeft Volt "in de hele affaire te voortvarend een onjuiste weg bewandeld". De rechter gebood Volt de schorsing en beëindiging van haar fractielidmaatschap terug te draaien. Ook moet de partij haar een schadevergoeding van 5.000 euro betalen.

Dassen gaf woensdag toe dat de rechter zijn partij "op de vingers heeft getikt". De politica had volgens de rechter nooit mogen worden geschorst "zonder deugdelijke uitleg en zonder toelichting van de klachten". Dassen gaf aan met Gündoğan te hebben gesproken en zijn excuses aangeboden te hebben.

Gündogan werd op 28 februari uit de fractie gezet, nadat er meldingen over grensoverschrijdend gedrag waren binnengekomen. Ze wilde met het kort geding onder meer het Volt-besluit terugdraaien en een rectificatie afdwingen. Eerder deed ze al aangifte van smaad en laster.

Volt-leider Dassen: 'Zojuist excuses aangeboden aan Gündogan'
82
Volt-leider Dassen: 'Zojuist excuses aangeboden aan Gündogan'

Gündogan bereid om te praten over terugkeer naar fractie

De politica zei woensdagavond tijdens een persmoment in Amsterdam bereid te zijn om onder begeleiding van een bemiddelaar te praten met Volt. Eerder liet ze weten opgelucht te zijn.

Ze lijkt te zinspelen op een terugkeer bij Volt. "Ik hoop dat mijn partij ondanks deze dwaling hier lering uit kan trekken. Ook ik zal lering trekken", schrijft Gündogan op Twitter. Ze hoopt zo snel mogelijk haar werk te kunnen hervatten.

Volgens Volt waren er dertien meldingen over grensoverschrijdend gedrag van Gündogan binnengekomen. Drie daarvan gingen over seksuele avances die de politicus zou hebben gemaakt. Gündogan weigerde mee te werken aan het onderzoek van het ingeschakelde onderzoeksbureau, omdat ze geen vertrouwen in het bureau had en lange tijd niet wist waarvan ze precies werd beschuldigd.