De afgelopen jaren zijn "ongeveer vijftien" Nederlandse IS-vrouwen ontsnapt uit Koerdische opvangkampen in het noordoosten van Syrië, schrijven de demissionaire ministers Sigrid Kaag (Buitenlandse Zaken) en Ank Bijleveld (Defensie) aan de Tweede Kamer. Voor zover bekend zijn er geen Nederlandse mannen ontsnapt.

Er ontsnappen regelmatig mensen uit de overvolle kampen. "Vaak is het onduidelijk om welk aantal het gaat en bestaat er evenmin zekerheid over hun nationaliteit en leeftijd. Ook is er vaak onduidelijkheid wanneer de ontsnappingen plaatsvonden", aldus Kaag en Bijleveld.

De vrouwen bevinden zich onder meer in de kampen Al Hol en Al Roj. De omstandigheden in de kampen zijn volgens hulpverleners erbarmelijk. Volgens de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst AIVD verblijven dertig Nederlandse vrouwen in kampen van de Syrische Koerden. Ook zijn daar nog 75 kinderen met een Nederlandse link.

In november 2020 meldde minister Ferd Grapperhaus (Justitie) dat sinds eind juni van dat jaar vermoedelijk een of meerdere Nederlandse vrouwen waren ontsnapt uit Al Hol.

Kabinet treft maatregelen tegen onopgemerkte terugkeer

Het kabinet maakt zich zorgen over de ontsnappingen. "Ontsnapte uitreizigers kunnen zich immers weer aansluiten bij terroristische groepen en ze zouden onder de radar kunnen terugkeren naar Nederland. Het kabinet heeft maatregelen getroffen om het risico van onopgemerkte terugkeer van uitreizigers naar Nederland te minimaliseren", schrijven Kaag en Bijleveld.

Begin vorige maand werden een Nederlandse uitreiziger en haar twee kinderen opgehaald uit Noord-Syrië. De Koerdische autoriteiten willen van de buitenlanders af. De Nederlandse regering zet zich niet actief in om de uitreizigers te repatriëren.

Een meerderheid van de Tweede Kamer begrijpt dat het kabinet op 5 juni een IS-vrouw terughaalde naar Nederland, omdat dit de enige mogelijkheid was om straffeloosheid te voorkomen. Toch zijn veel partijen er niet gerust op dat het bij deze ene keer blijft.