De plannen van VVD-leider Mark Rutte voor een door de Kamer zo gewenste andere bestuursstijl kunnen op weinig enthousiasme bij de andere partijen rekenen. Hoewel de volledige oppositie het vertrouwen in Rutte begin april opzegde, lijken sommigen daar nu op terug te komen.

Enerzijds moet de formatie naar de volgende fase met SER-voorzitter en oud-PvdA-Kamerlid Mariëtte Hamer als nieuwe informateur.

Hamer moet via inhoudelijke gronden kijken welke partijen de volgende coalitie kunnen gaan vormen. Aan de andere kant is nog niet iedereen ervan overtuigd dat dit mogelijk is onder leiding van Rutte.

De VVD-leider is bereid zijn stijl aan te passen. Hij sprak woensdagmiddag tijdens het eindverslag van informateur Herman Tjeenk Willink van een "fundamentele reset".

Zo verdwijnt wat hem betreft het wekelijkse coalitieoverleg als hij de volgende premier wordt, zodat het politieke debat zich meer verplaatst naar de vergaderzaal van de Tweede Kamer. Ook een regeerakkoord op hoofdlijnen moet zorgen voor een meer open discussie, waarbij niet alleen de coalitiepartijen de dienst uitmaken.

Rutte wil afscheid nemen van 'brede soep'

Rutte noemde deze stappen "spannend", maar niet moeilijk. "Tijdens het coalitieoverleg sloegen we elkaar een half uur lang de hersens in over irritaties en waren we een half uur aan het roddelen. Daarna ging je weer weg. Het was soms intensief overleg om de val van het kabinet te voorkomen."

Het risico volgens Rutte om alles binnenskamers van tevoren af te stemmen, is dat het dan voor de buitenwereld lijkt dat er helemaal geen politieke verschillen meer zijn.

"Ik erken dat ook mijn manier van besturen eerder heeft bijgedragen dan heeft afgedaan aan het meer toedekken van die verschillen. Daardoor lijkt het alsof je alleen een soort brede soep in het midden hebt en daaromheen nog de flanken van SP en PVV. Dat is niet goed", aldus Rutte.

GroenLinks zet de deur open, PvdA nog niet

Van de SP, PVV, PvdD, DENK, BBB en BIJ1 was al bekend dat zij verdere samenwerking met Rutte in verschillende mate uitsluiten. De andere partijen die destijds de motie van wantrouwen steunden, waren daar de afgelopen weken minder resoluut in.

GroenLinks-leider Jesse Klaver liet al langer doorschemeren dat er met hem te praten valt over een nieuwe coalitie. Hij denkt niet dat Rutte opeens een ander mens kan worden, maar wil graag via de inhoud verder werken. Het klimaat, stikstof en de toegang tot het versterken van het recht zijn voor hem daarbij belangrijke gespreksonderwerpen.

Lilianne Ploumen (PvdA) is nog niet zo ver. "Mooie woorden, maar onder de maat", zei ze over Ruttes voorstellen. "Ik ben vandaag niet van oordeel veranderd. De situatie is ongewijzigd en het vertrouwen (in Rutte, red.) is niet hersteld."

De PvdA-leider gaf wel aan wat haar wensen zijn, mocht de partij toch gevraagd worden voor de coalitieonderhandelingen. Er moet onder meer structureel geld bij voor de sociale advocatuur, zodat de toegang tot het recht laagdrempeliger wordt. Dat was een van de problemen in de toeslagenaffaire.

Ook moet er meer geld naar de uitvoeringsorganisaties van de overheid voor een betere service voor de burgers.

Hoekstra spreekt nadrukkelijk steun uit voor Rutte

Een opsteker voor Rutte is de nadrukkelijke, uitgesproken steun van CDA-leider Wopke Hoekstra. Zijn partij steunde de motie van wantrouwen niet, maar Hoekstra was ook niet zomaar van plan aan te schuiven bij Rutte. "Als je niet een motie van wantrouwen steunt, dan is het vertrouwen er", zei de CDA-leider nu.

Hamer, die van de Kamer tot 6 juni de tijd heeft gekregen om haar verslag uit te brengen, kan nu aan de slag. Rutte beloofde om niet in oude fouten te vervallen, al kan hij dat niet alleen, zei hij er eerlijk bij. "Daar zal ik hulp bij nodig hebben."

Hamer hoopt de volgende fase van de formatie volgende week te starten met gesprekken met alle fractievoorzitters van de partijen in de Tweede Kamer.