De Eerste en de Tweede Kamer nemen onvoldoende de tijd om wetten en besluiten van tevoren goed te beoordelen en achteraf ontbreekt het vaak aan reflectie, zegt Arno Visser, de president van de Algemene Rekenkamer, zaterdag in Trouw.

Volgens Visser zijn de gevolgen voor ambtenaren groot als Kamerleden onvoldoende kennis vergaren over de gevolgen van de plannen die zij goedkeuren. Vervolgens raakt de burger hierdoor teleurgesteld, betoogt hij.

De president van de Algemene Rekenkamer refereert hiermee aan de kinderopvangtoeslagaffaire en het onderzoek naar problemen bij uitvoeringsorganisaties, zoals de Belastingdienst, uitkeringsorganisatie UWV en het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR), waarmee de Tweede Kamer nog bezig is. Dat conclusies van dat onderzoek verschijnen naar verwachting eind februari.

Visser, die het hoogste controleorgaan van de regering leidt, pleit in de krant voor meer "nuchterheid en verdieping". De Tweede Kamer zou volgens hem meer eigen onderzoek moeten doen en moeten leren van fouten uit het verleden. "Als je alle onderzoeken en enquêtes op een rij zet, zie je namelijk een terugkerend patroon."

Volgens Visser is de informatievoorziening aan de Kamer niet op orde, is er onvoldoende kennis over de uitvoering van wetten en wordt er halsoverkop gereorganiseerd. "Het parlement moet er dus op letten deze fouten niet meer te maken, maar tot nu toe gebeurt het wel."