Minister van Financiën Wopke Hoekstra had gewild dat hij eerder met gedupeerde ouders van de kinderopvangtoeslagaffaire in gesprek was gegaan. In de gesprekken die Hoekstra met hen heeft gehad, kwam de ellende pas echt goed bij hem binnen en werd er vervolgens actie ondernomen.

"Waren we maar eerder met de ouders in gesprek gegaan", zei Hoekstra donderdag tegen de ondervragingscommissie die onderzoek doet naar de toeslagenaffaire. "Op zo'n moment komen de problemen veel indringender naar voren en zie je wat er gebeurt in de levens van mensen."

Bij werkbezoeken aan de Belastingdienst worden volgens Hoekstra "processen uitgelegd". En dat zijn geen persoonlijke verhalen, vindt hij. Hoekstra hoorde in persoonlijke gesprekken met gedupeerde ouders dat de financiële problemen leidden tot echtscheidingen en andere problemen.

"Dat de overheid waarop zij vertrouwden daar verantwoordelijk voor was, is buitengewoon pijnlijk", zei Hoekstra. Hij hield een gevoel van "schaamte en boosheid" aan die gesprekken over.

De boosheid zat hem met name in de traagheid van de processen bij de Belastingdienst om de problemen op te lossen, maar ook bij de ambtenaren. Hoekstra wilde op een gegeven moment persoonlijk bij de ouders langsgaan, maar dat werd op het departement als "ingewikkeld" afgedaan. Het was niet eens duidelijk om hoeveel mensen het zou gaan, waarschuwden de Belastingdienst-medewerkers.

"Toen heb ik gezegd: 'Het maakt me niet uit met hoeveel mensen je naar gedupeerden gaat, maar je regelt het'", aldus Hoekstra. "Ik was echt boos."

Hoekstra schetst gemakzuchtige houding bij Belastingdienst

Hoekstra schetste sowieso een gemakzuchtige houding van de ambtenaren bij de Belastingdienst. Hij miste de houding om grote problemen echt aan te pakken. "Er is onvoldoende gevoel voor urgentie en relevantie."

Een voorbeeld waar hij zelf bij betrokken was, is de schenk- en erfbelasting. Er werd 4 miljoen euro te weinig opgehaald op een totaalbedrag van 2 miljard. Een relatief klein bedrag, maar Hoekstra miste op dat moment de informatie van zijn ambtenaren zodat er tijdig kon worden bijgestuurd.

Hoekstra: "Er was een vrij ontspannen houding van: we hebben het binnenkort wel opgelost. Maar dat was helemaal niet zo."

Er werd uitgelegd waarom het heeft kunnen gebeuren, waarom het niet erg is en dat het wordt opgelost, maar Hoekstra vond die uitleg niet goed genoeg. "De houding was niet: wat vervelend dat dit zo is gegaan, we gaan nu alles op alles zetten om dit op te lossen. We moesten er heel hard gaan trekken."

Hoekstra proefde zelfs irritatie bij de medewerkers dat hij zo kritisch op de informatievoorziening was. Dat gebeurde ook toen hij de problemen bij de fiscus in 2018 tijdens een Kamerdebat "groot, hardnekkig en complex" noemde. "Ik hoorde via via dat men dat niet prettig vond."

Ook kritiek van Hoekstra op oud-staatssecretaris Snel

De defensieve houding die oud-staatssecretaris Menno Snel beschreef toen hij woensdag werd gehoord, herkende Hoekstra.

Overigens ging Snel zelf ook niet vrijuit. "De staatssecretaris was fantastisch op het gebied van fiscaliteit", zei Hoekstra. "Maar we zagen allebei dat de problemen bij de Belastingdienst hardnekkig waren."

Daarmee leek Hoekstra Snel, die als staatssecretaris de Belastingdienst in zijn portefeuille had, te verwijten dat hij de toeslagenaffaire niet goed heeft aangepakt.