De Tweede Kamer wil dat er een einde komt aan de toelatingsverklaring die sommige reformatorische scholen gebruiken waarin homoseksualiteit wordt afgewezen. Als ouders zo'n verklaring niet ondertekenen, mag een school hun kinderen weigeren.

SP, D66, GroenLinks, PvdA en VVD vinden de verklaring "volstrekt onacceptabel" en vragen het kabinet hier "met spoed" een einde aan te maken.

De partijen reageerden op een verhaal in Trouw van maandag waarin twee homoseksuele twintigers vertellen over hun ervaringen op een reformatorische school. Hun ouders moesten zo'n 'identiteitsverklaring' ondertekenen waarin homoseksualiteit wordt afgewezen.

Minister Arie Slob (Onderwijs) zei maandag in een Kamerdebat over burgerschapsonderwijs dat scholen onder het mom van vrijheid van onderwijs dit mogen doen. Wel moet er in de school "een veilig schoolklimaat" zijn, benadrukte de bewindsman. Hij erkende dat dat kan zorgen voor "een spanningsveld".

Het burgerschapsonderwijs moet er juist voor zorgen dat leerlingen "kennis en respect" wordt bijgebracht over "de basiswaarden van de democratische rechtsstaat".

'Veiligheid en afwijzen homoseksualiteit gaan niet samen'

Maar die veiligheid en de vrijheid om homoseksualiteit af te wijzen, gaan niet samen, vindt onder anderen D66-Kamerlid Paul van Meenen.

"Ouders gaan met hun kind van elf dat zich nog niet seksueel heeft ontwikkeld naar die school. Dan moeten zij een verklaring ondertekenen, anders komt hun kind niet binnen. Daarna ontwikkelt dat kind zich en wordt het onveilig omdat die verklaring is ondertekend. Kan een omgeving met zo'n verklaring veilig zijn?", vroeg Van Meenen.

Slob wekte verbazing bij de Kamerleden door te stellen dat een school "grondwettelijk de vrijheid heeft" om zo'n identiteitsverklaring te vragen. "Scholen mogen eisen stellen aan toelating."

"Dit is echt lastig te rijmen", zei PvdA'er Kirsten van den Hul over Slobs antwoord. "Er is geen sprake van gelijkheid als er onderscheid wordt gemaakt in seksuele voorkeur."

SP'er Peter Kwint: "Dit soort onzin moet afgelopen zijn."

Grondrechtelijke vrijheden botsen

Hier botsen twee grondrechten. Enerzijds is er de vrijheid van onderwijs, maar anderzijds is iedereen voor de wet gelijk, ongeacht godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, of geslacht.

"Wie hier ook op mijn plek zou zitten, hoe de samenstelling van het kabinet ook is, dat is de uitwerking van artikel 23 van de Grondwet", aldus Slob. Maar, voegde de bewindsman er aan toe: "Bij die vrijheid zit ook verantwoordelijkheid. Je kunt dus nooit eenzijdig een beroep doen op de vrijheid van onderwijs."

Als je een einde wilt maken aan dit soort verklaringen, moet de Grondwet worden aangepast. "We kunnen daar niet zomaar een einde aan maken", was Slobs conclusie. "Dat is misschien een doorn in het oog."

Dat scholen dit soort verklaringen gebruiken, is niet nieuw. Datajournalistenplatform Pointer zocht begin dit jaar uit dat van de 170 reformatorische scholen in het basis- of voortgezet onderwijs, 137 scholen een verklaring vragen om hun standpunten te onderschrijven. Van die 137 scholen staan er 34 afwijzend tegenover homoseksualiteit.