Het kabinet moet het derde steunpakket openbreken omdat de economie weer voor een deel op slot zit. Minister Eric Wiebes (Economische Zaken) vreest dat de overheid zo zombiebedrijven in leven houdt, maar dat is een ingecalculeerd risico. "Het is crisis, dus we moeten de boel aan de gang houden", zegt hij tegen NU.nl.

Volgens Wiebes, die de aanvullingen van het derde steunpakket dinsdag met collega-ministers Wopke Hoekstra (Financiën) en Wouter Koolmees (Sociale Zaken) presenteerde, is het recept niet veranderd.

"We zoeken allemaal naar maatregelen die zo min mogelijk effect hebben op de samenleving en de economie, en zo veel mogelijk op het virus. Dat is een permanente zoektocht", zei de bewindsman.

Bent u niet bang dat er bedrijven zijn die de overheid in leven houdt waarvan u nu ook wel kunt zien dat ze niet levensvatbaar zijn?
"Ja, daar ben ik wel bang voor. Maar dat is een risico dat we helaas moeten nemen omdat we het geautomatiseerd moeten doen. We kunnen niet ieder bedrijf zorgvuldig beoordelen en de steun daarop aanpassen. Het is crisis, dus we moeten de boel aan de gang houden.

Er staan grote machines te draaien om die regelingen uit te voeren. We kunnen niet aan iedere ondernemer vragen: Heeft u nog vaste klanten? Hoe ziet de zaak eruit? Zitten er niet te veel van dit soort zaken in de omgeving? Dat is onhoudbaar.

Dat risico moeten we helaas accepteren, maar dat betekent wel dat we zo snel mogelijk terug moeten naar normaal. Dan zullen er ondernemers omvallen, maar dat is ook van alle tijden."

Komt er een normaal terug?
"Alles wat lang duurt, heet op een gegeven moment weer normaal. Dat is een filosofische vraag. Het wordt niet meer precies zoals vroeger.

Ga je vijf dagen in de week met je auto in de file staan om naar je werk te gaan? Dingen veranderen, maar niet alles in negatieve zin. Ik probeer nu uit te vinden wat de goede manier van werken is."

In hoeverre moeten ondernemers zich nog aanpassen? Daar blijft dit kabinet op hameren.
"Je moet je in elk geval instellen op een nieuwe realiteit. Stel je bent een bedrijfscateraar. Je kunt eindeloos denken dat het weer precies zo wordt zoals het was, maar dat gaat niet gebeuren. Dan is een aanpassing nodig van de capaciteit. Misschien heb je wel nieuwe concepten nodig.

Misschien een stom voorbeeld. Maar we doen Europese vergaderingen veel online. Vroeger kreeg je van het gastland een pakket met allemaal nationale dingen erin. Je weet wel, eten dat niet te eten is, drinken dat niet te drinken is en iets voor het mooie dat niet mooi is. Heel lief bedoeld allemaal.

Dat sturen ze nu op. Dat is een creatieve manier om te doen alsof het een normale vergadering is, maar wel heel anders. Dat vind ik fascinerend. We verzinnen nieuwe manieren om het leuk te hebben met elkaar."

Vindt u het leuk dit soort politieke oplossingen te bedenken, naast het feit dat de aanleiding natuurlijk heel ellendig is?
"Dit is wel een tijd waarin ik impact kan hebben. Het is allemaal heel ingewikkeld. Als je dan met tien bewindspersonen naar grafieken zit te kijken, dan is het wel handig daar een conclusie uit te trekken die er echt toe doet. Dat vind ik leuk.

Ik voeg me weleens bij een collega met een grafiek of een tabel. Soms doen ze er niets mee en soms wel. Dan helpen we elkaar een beetje."