Verdachten van ernstige zeden- en geweldsmisdrijven moeten straks verplicht in de rechtszaal aanwezig zijn voor de behandeling van hun strafzaak. Twee weken later moeten ze ook aanwezig zijn bij de uitspraak. De Tweede Kamer heeft dinsdag een wetsvoorstel hierover aangenomen. Nu mogen verdachten er nog voor kiezen om weg te blijven.

De verdachte wordt door verplichte aanwezigheid geconfronteerd met het leed dat het door hem of haar gepleegde misdrijf heeft veroorzaakt. Daarnaast kunnen rechters en officieren van justitie de verdachte vragen stellen over de beschuldigingen. De rechtsgang moet zo ook beter zichtbaar zijn voor de samenleving.

"Als verdachte van een ernstig misdrijf heb je straks geen keus meer, je moet er gewoon zijn in de rechtszaal. Dit is wel het minste wat je kunt doen voor het slachtoffer of de nabestaanden. Zij moeten de kans hebben om ook aan de verdachte te vertellen wat het misdrijf met hen heeft gedaan. Die aanwezigheid kan ook enorm helpen bij de verwerking van zo'n heftige gebeurtenis", zegt minister Sander Dekker voor Rechtsbescherming.

In uitzonderlijke gevallen kan de rechtbank een verdachte nu ook al dwingen om te komen, zoals bij de strafzaak rond de Utrechtse tramaanslag gebeurde.

Slachtoffers en nabestaanden mogen straks ook iets zeggen tijdens de zitting over een tbs-verlenging. Dat mag nu nog niet. Daarnaast krijgt ook stieffamilie voortaan spreekrecht tijdens rechtszaken en kan de overheid straks een voorschot van een opgelegde schadevergoeding uitbetalen. Slachtoffers of nabestaanden krijgen dat nu alleen na een zwaar misdrijf, als de veroordeelde dader na acht maanden nog niet heeft betaald.