Het creëren van banen is niet het primaire doel van het invoeren van de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK). "Het eerste en belangrijkste doel is investeren", zei staatssecretaris Hans Vijlbrief van Financiën maandag in een toelichting op de plannen. Het kabinet trekt de komende twee jaar in totaal 4 miljard euro uit voor deze tijdelijke crisismaatregel.

Vijlbrief wil met deze fiscale maatregel drie dingen bereiken: dat geplande investeringen niet worden uitgesteld, investeringen naar voren worden gehaald en dat het investeringsniveau omhooggaat.

"We willen met investeringen door de crisis komen", aldus Vijlbrief, die zijn plannen maandag naar de Kamer stuurde.

Door de coronacrisis houden bedrijven de hand op de knip. Het Centraal Planbureau (CPB) verwacht dat er dit jaar zo'n 10 miljard euro minder wordt geïnvesteerd. Daarom kondigt het kabinet deze korting, waarmee werkgevers een deel van hun investeringen mogen verrekenen met de loonkosten, voor de komende twee jaar aan.

Vijlbrief stipte al eerder aan dat investeringen "cruciaal" zijn voor de economie.

Kabinet komt oppositie tegemoet

Premier Mark Rutte benadrukte drie weken geleden tijdens de Algemene Beschouwingen dat banen een belangrijk onderdeel zijn om de BIK in te voeren.

Met name linkse oppositiepartijen misten de onderbouwing dat de korting ook tot meer werkgelegenheid zou leiden en bestempelden de korting als "cadeau voor werkgevers" waar vooral multinationals van profiteren.

Om deze partijen enigszins tegemoet te komen, heeft Vijlbrief er nu voor gezorgd dat groene investeringen ook in aanmerking komen voor de korting en dat kleine bedrijven er makkelijker van profiteren.

Belastingkorting zou tot banen kunnen leiden

In zijn algemeenheid gaat het kabinet ervan uit dat extra investeringen ook meer banen opleveren. Vijlbrief gaf een voorbeeld. "Als je investeert in bijvoorbeeld een bestelbus, dan krijg je daar korting op. Het maken van die bus zóú tot banen in Nederland kunnen leiden."

Een tweede werkgelegenheidseffect is dat die bus vervolgens ook door iemand bestuurd moet worden. "Dat is ook werkgelegenheid", aldus de bewindsman.

Als het kabinet zich puur op banen had willen richten, dan was er volgens hem wel gekeken naar een mogelijkheid om werkgeverslasten op arbeid te verlagen. "Daar hebben we bewust niet voor gekozen. We willen deze ondernemers door deze winter helpen. Dat kan het beste door investeringen te bevorderen."

Regeling pas in september 2021 aan te vragen

Vijlbrief maakte maandag de voorwaarden bekend om van de BIK gebruik te mogen maken. De investering moet na 1 oktober van dit jaar zijn gedaan en tussen 2021 en 2022 volledig zijn betaald.

Het minimale bedrag ligt op 1.500 euro per onderdeel, volgens het ministerie van Financiën om "pennen en potloden erbuiten te houden". In totaal moet er minimaal voor 20.000 euro worden geïnvesteerd.

Vijlbrief verwacht dat 60 procent van de belastingkorting bij het midden- en kleinbedrijf terechtkomt. Dat komt onder meer doordat de korting hoger is bij investeringen tot 5 miljoen euro (3 procent van het investeringsbedrag) dan bij investeringen daarboven (2,44 procent). Een precieze doorrekening van het CPB op banen en economie komt nog.

Het loket om de korting aan te vragen is vanwege "uitvoeringstechnische redenen" pas in september volgend jaar open. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en de Belastingdienst worden verantwoordelijk voor de uitvoering.

Bedrijven mogen maximaal vier aanvragen per jaar doen, de RVO gaat vooralsnog uit van 300.000 tot 600.000 aanvragen per jaar.