Aruba is dicht bij en Curaçao heeft goede stappen gezet om in aanmerking te komen voor een financieel noodpakket van het kabinet. Sint-Maarten heeft wederom laten zien niet aan de vanuit Nederland gestelde voorwaarden te voldoen. Dat schrijft staatssecretaris Raymond Knops (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) vrijdag in een Kamerbrief na afloop van de ministerraad.

Het kabinet concludeert dat Aruba grotendeels voldoet aan de voorwaarden, met uitzondering van de voorwaarde om de inkomens van topfunctionarissen binnen de (semi)publieke sector niet hoger te laten zijn dan 130 procent van het salaris van de Arubaanse premier. Het kabinet heeft Aruba tot 1 oktober uitstel verleend om iets aan de hoogte van deze topinkomens te doen.

Curaçao heeft volgens Knops "betekenisvolle stappen gezet" om aan de overeengekomen voorwaarden te voldoen, maar onder meer de geëiste salariskorting van 12,5 procent voor de ambtenaren en de hervorming van het pensioenstelsel is volgens het kabinet nog niet in orde. Het eiland krijgt tot 1 september de tijd hier iets aan te doen.

Sint-Maarten staat voorlopig in de wachtkamer voor noodsteun. Omdat het eilandbestuur nog helemaal niet aan de gestelde voorwaarden voldoet, heeft het kabinet de gesprekken met het eiland over een eventueel volgend noodsteunpakket voorlopig opgeschort.

Eilanden zwaar getroffen door coronacrisis

Het financieel noodpakket moet de eilanden, die in crisis verkeren nadat zij zwaar zijn getroffen door het coronavirus, ondersteunen. Het virus heeft de toerismesector, een belangrijke inkomstenbron van Curaçao, Aruba en Sint-Maarten, volledig doen stilvallen.

De drie eilanden zijn het echter niet eens met alle voorwaarden die vanuit Nederland worden gesteld aan het financieel noodpakket.

De grootste bezwaren richten zich op de eis van Nederland voor de oprichting van een Nederlands instituut dat toeziet op de bestedingen uit het noodpakket. De eilanden vinden dat zij daarmee te veel autonomie inleveren.