De Tweede Kamer is onvolledig en onjuist geïnformeerd over de resultaten van de Nederlandse politietrainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz in de periode 2011 tot 2013. Dat blijkt donderdag uit onderzoek van de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB), de onafhankelijke evaluatiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

In rapportages over het aantal getrainde agenten werden afgehaakte cursisten meegeteld, werden cursisten die verschillende trainingen ontvingen meerdere malen meegeteld en werden certificaten uitgedeeld aan mensen die daarvoor niet in aanmerking kwamen, staat in het rapport.

"Nederlandse betrokkenen binnen alle onderdelen van de missie ervoeren druk om in rapportages een positief beeld te schetsen, ook al klopte dit niet met de werkelijkheid", schrijven de onderzoekers. "Hierdoor werd aan de Kamer niet altijd transparant gerapporteerd over de voortgang van de missie."

"Hoewel er tijdens de missie onvoldoende mensen beschikbaar waren om te trainen, wilde de missieleiding in Den Haag en Kunduz een zo gunstig mogelijk beeld van de missie creëren in de media en de Tweede Kamer", aldus de IOB.

Zo is onjuist gemeld dat bijna tweeduizend agenten alfabetiseringsonderwijs hebben afgerond. Ook de resultaten van andere projecten zijn onvolledig, onder meer omdat rapportages bij sommige projecten "overwegend kritiekloos" waren. "Dit maakt het ook voor IOB moeilijk betrouwbare uitspraken te doen over de kwaliteit van deze projecten."

SP'er Karabulut wil parlementair onderzoek

SP-Kamerlid Sadet Karabulut vindt het rapport onthutsend. "Om een militaire bijdrage in Afghanistan te verkopen aan de Tweede Kamer en de bevolking, zijn zaken mooier voorgesteld zijn dan ze waren", aldus de SP'er. "Er is ronduit gelogen over behaalde resultaten."

Ze verwijst naar de Afghanistan Papers waaruit blijkt dat de Amerikaanse regering de Amerikaanse bevolking jarenlang heeft voorgelogen over de oorlog in Afghanistan.

Karabulut vindt dat een parlementair onderzoek nodig is om inzicht te krijgen in de Nederlandse rol in de oorlog in Afganistan. "Wie gaat hier nu verantwoordelijkheid voor nemen?"

Martijn van Helvert (CDA) vindt het goed dat er onafhankelijk is gekeken naar de Kunduz-missie. "Het is een mooi rapport met positieve punten", zegt hij. "Maar het onderzoek heeft ook pittige bevindingen. Transparantie moet er altijd zijn in rapportages bij zowel positieve als negatieve zaken."

Tegelijkertijd wijst hij ook op de rol van de Kamer. "Het toont de lastige manier waarop de missie tot stand is gekomen. De Kamer legde destijds beperkingen op en Kamerleden gingen zich er tot operationeel niveau mee bezighouden."

Kabinet: Kamer moet kunnen vertrouwen op nauwkeurige missieresultaten

Het kabinet spreekt in een reactie van "een ernstige conclusie". "De Kamer moet erop kunnen vertrouwen dat rapportages een zo nauwkeurig mogelijke weergave van de missieresultaten bevatten", staat in de Kamerbrief.

"Ook in de Haagse realiteit moet acceptatie zijn voor onwelgevallige berichten, en die moeten hun weg kunnen vinden in rapportages aan uw Kamer."

Het kabinet schrijft aan de slag te gaan om in de toekomst opener over missieresultaten te communiceren en ervoor te zorgen dat er voldoende ruimte is voor kritische geluiden.

De IOB raadt het kabinet aan om de tussentijdse evaluatie en de eindevaluatie te laten uitvoeren door een onafhankelijke partij, in plaats van door de betrokken ministeries zelf.

Dat ziet het kabinet echter niet zitten. "Gezien de politieke gevoeligheid van missies en de belangen van partners en bondgenoten is het onwaarschijnlijk dat een derde partij tijdens het verloop van de missie ter plaatse onderzoek kan uitvoeren." Het kabinet laat wel de optie open om een onafhankelijke partij te betrekken bij de eindevaluatie.