Het kabinet wil het afsteken van vuurwerk voor consumenten verder aan banden leggen, zo hebben premier Mark Rutte en justitieminister Ferd Grapperhaus vrijdagmiddag na de ministerraad gezegd. Het blijft nog vaag wat dan precies verboden zou worden, maar het zou bijvoorbeeld om knalvuurwerk en vuurpijlen moeten gaan. Van een algeheel verbod lijkt dus voorlopig geen sprake te zijn.

"Ik vind het verschrikkelijk en schandalig hoe sommige mensen zich gedragen hebben tegenover hulpverleners", zo zegt Rutte tijdens de persconferentie na de ministerraad over de incidenten tijdens de jaarwisseling.

"We kunnen niet op de oude voet verder", zo gaat de premier verder, "maar ik begrijp dat daar veel verschillende gedachten over zijn". Hij zegt de komende tijd in gesprek te gaan met verschillende partijen, waaronder de korpsleiding en de burgemeesters. "De vraag of we verder gaan beperken is niet aan de orde, maar meer de vraag hoe we dat gaan regelen."

De plannen van het kabinet, die voor het einde van februari zouden moeten zijn uitgewerkt, zullen volgens Rutte onder meer gaan leunen op het advies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Die meldde in 2017 al dat vuurpijlen en knalvuurwerk beter niet door consumenten afgestoken kunnen worden.

Was 2019 het laatste jaar waarin je al je vuurwerk mocht afsteken?
97
Was 2019 het laatste jaar waarin je al je vuurwerk mocht afsteken?

Onder meer politie wil gedeeltelijk verbod

Het aantal incidenten tijdens de jaarwisseling liep vorige week op tot 9.300. Dat zijn er 387 meer dan een jaar eerder, zo meldt de politie.

De politie roept al tijden op het afsteken van vuurwerk te beperken. Andere partijen, zoals de artsen die vuurwerkslachtoffers behandelen, zijn voor een algeheel verbod. Een geheel verbod lijkt Rutte niet waarschijnlijk, maar hij sluit het ook niet uit.