Bijstandsgerechtigden moeten in elke gemeente verplicht een zogenoemde tegenprestatie gaan leveren, schrijft staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid woensdag in een brief aan de Tweede Kamer. Deze tegenprestatie kan onder meer in de vorm van werk of studie geleverd worden.

De staatssecretaris noemt het ongewenst dat veel bijstandsgerechtigden denken dat ze geen arbeidsverplichting hebben. Ze wil met gemeenten praten over hoe de verplichting van een tegenprestatie vormgegeven moet worden.

Met de brief reageert Van Ark op de inmiddels aangenomen motie van D66-Kamerlid Rens Raemakers. Deze motie stelt dat gemeenten verplicht worden om een "niet-vrijblijvend" aanbod te doen aan bijstandsgerechtigden.

Het staat de gemeenten vrij om te bepalen hoe dit aanbod moet worden ingevuld. Het kan volgens Van Ark neerkomen op bijvoorbeeld een baan, een stage, vrijwilligerswerk of een studie. De gevraagde tegenprestatie moet passen bij de betreffende persoon.

De staatssecretaris benadrukt dat het belangrijkste blijft dat met hulp van een professional wordt bepaald wat goed is voor bijstandsgerechtigde. Van Ark meent dat de meeste mensen graag meedoen in de samenleving. Maar als personen dit niet willen, dan moet het aanbod volgens de bewindsvrouw "ook verplichtend opgedragen kunnen worden".