Leden van het ministerie van Justitie en Veiligheid zijn verdeeld over het strafrechtelijke onderzoek naar de bronnen van Nieuwsuur in de WODC-affaire, waarbij informatie van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) werd gelekt vanuit het ministerie naar de media. Dat blijkt uit een vertrouwelijke brief van de ondernemingsraad van het ministerie die in handen is van het programma.

De brief zou afkomstig zijn van de ondernemingsraad van het zogenaamde SG-cluster, waarin ambtenaren van het Bureau Secretaris-Generaal (BSG) en het WODC zitten.

Zij stellen dat mensen door de dreiging van potentiële aangiftes minder snel interne kritiek durven te uiten.

Daarnaast zou de secretaris-generaal zelf ambtenaren hebben ondervraagd om het lek boven te krijgen, terwijl het strafrechtelijk onderzoek bezig was. Dat druist tegen de wil in van minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus. Hij gaf aan dat zijn ministerie zich niet met het strafrechtelijk onderzoek wil bemoeien.

Diverse ambtenaren hebben geen begrip voor de acties van de secretaris-generaal. De ondervraagden zouden bovendien niet zijn bijgestaan door een advocaat.

Grapperhaus noemt acties secretaris-generaal 'onacceptabel'

Grapperhaus geeft aan dat de inhoud van de brief bij hem bekend is en noemt de acties van de op een na hoogste ambtenaar "onacceptabel". "Dat heb ik ook gemeld aan de secretaris-generaal", zegt Grapperhaus.

Daarnaast zouden er gesprekken zijn gevoerd om medewerkers uitleg te geven en een kans te bieden "hun visie" te geven. "Over verdere stappen kan ik op dit moment niets zeggen", aldus de minister.

Ambtenaren voerden druk uit op WODC-onderzoekers

De WODC-affaire draait om ambtenaren die druk uitoefenden op onderzoekers van het WODC, dat weliswaar onafhankelijk is, maar ook onderdeel is van het ministerie.

Nieuwsuur onthulde dit eind 2017 op basis van bronnen. Centraal stond een interne klacht van WODC-onderzoeker Marianne van Ooyen. Zij had al meerdere malen haar beklag gedaan bij de ambtelijke top van het ministerie. Pas na een brief aan het televisieprogramma kwam de affaire aan het licht.