Premier Mark Rutte heeft vorig jaar druk uitgeoefend om ervoor te zorgen dat de onafhankelijke doorrekeningen van het voorlopige klimaatakkoord over Prinsjesdag en de daaropvolgende belangrijke Algemene Politieke Beschouwingen (APB) heen getild zouden worden.

De bemoeienis van de premier zorgde ervoor dat de cijfers pas na de APB verschenen, blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur.

Uit de documenten blijkt dat Rutte de geplande publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Centraal Planbureau (CPB) op 13 september, een week voor Prinsjesdag, "onwenselijk" vond omdat de doorrekening de APB - die beschouwd worden als het belangrijkste politieke debat in de Tweede Kamer - zou overheersen.

Dit terwijl het ministerie van Economische Zaken juist wel zo snel mogelijk tot openbaarheid wilde overgaan uit vrees voor lekken en daaruit volgende verwijten dat het kabinet de doorrekening "onder de pet" heeft willen houden.

Ook Ed Nijpels, de voorzitter van het Klimaatberaad, wilde zo snel mogelijk tot publicatie overgaan, maar werd overruled door Rutte. Hoewel Nijpels de gang van zaken afkeurde, stuurde hij wel een uitstelbrief. Daarin werd niet vermeld dat de premier publicatie voor Prinsjesdag "onwenselijk" vond, maar werd het uitstel toegeschreven aan "het grote aantal opmerkingen dat door de tafels en de departementen is geleverd".

"Het is volstrekt onzin dat ik informatie zou hebben achtergehouden", laat Rutte in een reactie weten. De premier zegt dat hij zich heeft uitgesproken tegen de publicatie van de cijfers, omdat deze eigenlijk voor een later moment gepland stond en het kabinetsstandpunt om die reden nog niet klaar was.

Partijen roepen Rutte ter verantwoording

GroenLinks-leider Jesse Klaver noemt het "bizar dat de minister-president informatie achterhoudt". "Het is niet aan Mark Rutte om te bepalen of deze cijfers belangrijk zijn", twittert Klaver, die zo snel mogelijk met de premier in debat wil over de kwestie.

Ook Forum voor Democratie-voorman Thierry Baudet roept de premier ter verantwoording. PVV-leider Geert Wilder en PvdA-voorman Lodewijk Asscher willen ook een debat met de premier.