De EU-landen hebben woensdag ingestemd met het voorstel om de Europese grens- en kustwacht Frontex geleidelijk uit te breiden naar maximaal tienduizend man in 2027.

De grenswachten komen deels in dienst bij het in Warschau gevestigde agentschap en worden deels gedetacheerd vanuit de lidstaten. Ze moeten vanaf 2021 kunnen worden ingezet bij grenscontroles of een migratiecrisis, na toestemming van het betreffende land. Daarbij mogen ze ook wapens gebruiken.

De Europese Commissie had voorgesteld om volgend jaar al op tienduizend medewerkers uit te komen, maar de lidstaten achten dat niet haalbaar. Nu zijn het er zo'n vijftienhonderd. "Je kunt ze niet uit de supermarkt halen", klonk het in december. Overigens zou na een evaluatie in 2023 kunnen worden besloten de aantallen aan te passen.

Onlangs gaven de EU-landen al groen licht voor uitbreiding van de bevoegdheden van de dienst, zodat die een coördinerende rol kan spelen bij het terugsturen van mensen die geen recht hebben op verblijf in Europa en de samenwerking met landen van herkomst.

Lidstaten blijven primair verantwoordelijk voor grensbeheer

De kosten voor de periode 2021-2027 werden eerder geraamd op 11,3 miljard euro. Premier Mark Rutte zei dat "heel veel geld" te vinden.

De lidstaten houden de primaire verantwoordelijkheid voor het grensbeheer. De EU-landen gaan nu met het Europees Parlement onderhandelen over de definitieve wettekst.