Onder druk van de oppositie is een meerderheid in de Tweede Kamer voor uitstel van het debat over het klimaatakkoord dat woensdagavond zou plaatsvinden. Lodewijk Asscher (PvdA) en Geert Wilders (PVV) vinden het "laf" dat VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff niet aanwezig is.

Nog voordat het debat begon, vroeg de oppositie om een schorsing van enkele minuten, zodat Dijkhoff alsnog via "berichtjes of een belletje" naar de plenaire zaal van de Tweede Kamer gehaald kon worden.

De oppositieleiders willen de VVD'er vragen stellen over het klimaatbeleid, omdat juist hij afstand leek te nemen van de conceptakkoorden die in december werden gepresenteerd door de zogenoemde klimaattafels, het polderorgaan voor de klimaatafspraken.

In De Telegraaf zei Dijkhoff dat het niet "zijn" akkoord is en nam hij opzichtig afstand van de voorstellen die zijn gepubliceerd. Hij zinspeelde zelfs openlijk met de val van het kabinet en noemde D66-fractieleider Rob Jetten een "drammer".

Na zulke grote woorden hadden oppositieleden de VVD'er zelf wel in de Kamer verwacht om er met hen over te debatteren.

"Als je rommel maakt, moet je het zelf opruimen", zei SP-Kamerlid Sandra Beckerman. "Dit kan echt niet", aldus Asscher. Hij vindt dat Dijkhoff zich verstopt voor het debat in de Kamer.

VVD laakt 'politieke spelletjes'

Voor de VVD was Dilan Yesilgöz aanwezig, woordvoerder klimaat bij de partij. Zij verwijt de oppositie juist "politieke spelletjes". "Mijn naam staat al weken op de sprekerslijst, dus als je het daar niet mee eens bent, vraag dat dan gewoon in de Kamer. Ga niet een inhoudelijk debat uit de weg", zei Yesilgöz nadat iedereen de zaal had verlaten.

Uiteindelijk wordt donderdag een nieuw debat aangevraagd, het is onduidelijk of dat deze week nog kan worden gehouden.

Kamerleden kunnen bovendien niet afdwingen wie welke partij naar een debat stuurt. De oppositie hoopt toch dat in ieder geval Dijkhoff zich bedenkt en zich alsnog aanmeldt.

Het annuleren van dit debat betekent in ieder geval dat ook minister Eric Wiebes (Klimaat) en premier Mark Rutte voor niets naar het parlement zijn gekomen.