Er stond een fout in een vragenlijst die aan Nederlanders is voorgelegd om hun voorkeur voor de zomer- of wintertijd uit te spreken. Het genoemde tijdstip van de zonsondergang in de zomer klopte niet.

In de vragenlijst werd respondenten onder meer gevraagd of ze positief zijn over het invoeren van een permanente zomertijd.

Daarbij werd vermeld dat de zon in juni dan om 20.00 uur onder zou gaan, maar in werkelijkheid is dat 22.00 uur, bevestigt een woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken na berichtgeving door de NOS. In de vragenlijst stond de tijd dat de zon in de zomer opkomt (5.20 uur) wel juist vermeld.

De zogeheten flitspeiling werd in opdracht van het ministerie uitgevoerd. In totaal deden ruim achttienhonderd mensen aan het onderzoek mee.

Volgens een woordvoerder van het ministerie sloeg niemand aan op het foute tijdstip. "We betreuren de fout, maar het verandert niets aan de uitslag, omdat in het onderzoek dezelfde vraag meerdere keren is gesteld."

41 procent wil permanente wintertijd

Uit het onderzoek bleek dat 41 procent van de ondervraagden het liefst een permanente wintertijd wil. 27 procent van de respondenten heeft een voorkeur voor de zomertijd. 24 procent heeft geen problemen met het verzetten van de klok en wil het huidige systeem behouden.

Veel belangenorganisaties willen dat Nederland dezelfde tijd als buurlanden aanhoudt. Ze zetten dat belang boven hun eigen voorkeur.

Het besluit over het al dan niet verzetten van de klok is door de EU-landen uitgesteld tot ten minste april 2021. Elke lidstaat heeft de keuze tussen winter- of zomertijd of het halfjaarlijks verzetten van de klok.

De minister wil dat een onderzoek naar de gevolgen voor het bedrijfsleven voor de zomer van 2019 is afgerond.