Het kabinet moet onderzoeken of de AOW-leeftijd nog met gelijke tred kan meestijgen met de levensverwachting vanaf 2022. Daarover zijn de coalitiepartijen CDA, VVD, D66 en ChristenUnie het dinsdagavond samen met oppositiepartijen GroenLinks, PvdA en SGP eens geworden tijdens een debat over het mislukte pensioenakkoord.

De ruime Kamermeerderheid wil dat het kabinet kijkt naar wat een "redelijke verhouding" tussen het aantal gewerkte jaren en het aantal pensioenjaren is en daarbij rekening houdt met de gezondheid van werknemers en de betaalbaarheid voor de overheid.

In het verleden is afgesproken om de AOW-leeftijd naar 67 jaar te verhogen en daarna een-op-een te koppelen aan de levensverwachting. Dat betekent dat werknemers een jaar langer moeten doorwerken als Nederlanders gemiddeld een jaar langer leven.

Op basis daarvan is de AOW-leeftijd in 2024 vastgesteld op 67 jaar en drie maanden, maar de partijen zetten nu vraagtekens bij deze koppeling.

Debat ging vooral over mislukt pensioenakkoord

Het is een kleine overwinning in een debat dat vooral over het mislukte pensioenakkoord van vorige week ging. Werknemers en werkgevers hebben zeven jaar tevergeefs onderhandeld om het stelsel van de pensioenen waarvoor zij hebben gespaard te veranderen. Hoewel de AOW door de overheid wordt betaald, is het staatspensioen meegenomen in de discussie.

De Kamer ging met premier Mark Rutte en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) in debat over de mislukte gesprekken. De kabinetsleden onderhandelden de laatste weken met de sociale partners mee.

Er is geen duidelijk beeld van wat er nu moet gebeuren. "Er ligt geen pensioenakkoord, dus what's next?", vroeg GroenLinks-leider Jesse Klaver na vijf uur debatteren aan Rutte.

Mogelijk moet er door het uitblijven van een nieuw pensioenstelsel in 2020 en 2021 in tien miljoen pensioenen gesneden worden.

Klaver kreeg geen antwoord, want een duidelijke route is er niet. Koolmees en Rutte wilden alleen vertellen waar het in hun ogen misging. "We waren er bijna uit", zei Rutte. "Er was brede instemming tussen werknemers en werkgevers", beaamde Koolmees. Het officiële standpunt luidt dat het kabinet zich gaat beraden op de vervolgstappen.

Overleg klapte op verhogen AOW-leeftijd

Vorige week dinsdag klapte het overleg tussen werknemers en werkgevers om tot een pensioenakkoord te komen. Met name de FNV, verreweg de grootste vakbond, werd verweten op het allerlaatste moment met extra eisen te komen.

De koppeling van de AOW-leeftijd en de levensverwachting was een van die eisen. Voor de vakbond is het essentieel dat werknemers met zware beroepen eerder kunnen stoppen met werken.

Hoewel Rutte sympathie heeft voor die wens, zegt hij het niet te kunnen financieren. De kosten lopen namelijk op tot ongeveer 6 miljard euro, ieder jaar weer. "Zo'n bedrag kun je niet vragen van een zittend kabinet. Dat is niet democratisch", aldus de premier.

Op een aantal andere belangrijke punten vonden de vakbonden en het kabinet elkaar wel. Zo zou de AOW-leeftijd pas in 2024 naar 67 jaar stijgen in plaats van in 2021. Ook was het kabinet bereid de boete op prepensioen te verlagen en voor een jaar lang zelfs helemaal te schrappen.

Het waren toezeggingen die nodig waren in de hoop dat het pensioenstelsel vernieuwd kan worden. Het huidige stelsel past niet meer bij deze arbeidsmarkt met steeds meer zzp'ers en werknemers die vaker wisselen van werkgever.

Koolmees waarschuwde dat ouderen boos zijn, omdat hun pensioen al jaren niet wordt geïndexeerd. Ook zei hij dat steeds meer jongeren niet mee willen doen, omdat ze bang zijn dat er straks voor hen geen geld meer in de pot zit. Het draagvlak voor een stelsel waar jong en oud verantwoordelijk voor zijn, dreigt zo te verdwijnen, aldus de bewindsman.

Geen steun voor verplicht zzp-pensioen

Klaver vroeg nog aandacht voor het verplichten van pensioensparen voor de 1,6 miljoen zelfstandigen. Werkgevers, die de premies moeten ophoesten, en werknemers werden het daar niet over eens. "Wij willen werkgevers verplichten premie te betalen voor mensen die ze eigenlijk in dienst hebben", zei de GroenLinks-leider.

De coalitie en het kabinet zien echter niets in zo'n verplichting, ze willen een zzp-pensioen liever aantrekkelijker maken en mensen verleiden mee te doen.

PvdA-leider Lodewijk Asscher was vooral teleurgesteld over het bedrag dat het kabinet overhad voor een nieuw pensioenstelsel. Opgeteld had het kabinet 7 miljard euro op tafel gelegd voor de komende vijftien jaar, maar daarvan was 'slechts' 200 miljoen euro structureel.

De PvdA-leider spoorde het kabinet aan met een grotere zak geld terug te keren naar de onderhandelingstafel. Ook SP-leider Lilian Marijnissen vond dat het kabinet te weinig had geboden, maar de partijleiders kregen geen gehoor.

VVD hint op akkoord zonder vakbonden

De VVD speelde met de gedachte een pensioenakkoord te sluiten zonder de werknemersorganisaties. "Ik krijg nauwelijks uitgelegd dat we pensioenonderhandelingen laten voeren door vakbonden die maar een paar procent van de werkenden vertegenwoordigen", zei VVD-Kamerlid Roald van der Linde.

Dat zette kwaad bloed bij enkele oppositiepartijen. "De vakbonden hebben meer leden dan alle politieke partijen bij elkaar", beet Marijnissen hem toe.

Van der Linde bleef echter bij zijn stelling dat de vakbonden te veel macht hebben gezien de beperkte achterban. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waren vorig jaar zo'n 1,7 miljoen mensen lid van een vakbond, het laagste aantal dat sinds het begin van de jaren negentig gemeten is.

De inbreng van de VVD'er kon opmerkelijk genoeg op weinig goedkeuring van Rutte rekenen. De premier erkende het belang van de vakbeweging juist. Ook betwist hij dat vakbonden namens te weinig mensen zouden onderhandelen. "Ongeveer 70 procent van de werknemers kan zich vinden in de cao van de zogenaamd niet-representatieve vakbond."

'Het bod ligt er nog steeds'

Over één ding waren alle partijen het in de Kamer wel eens: het niet sluiten van een pensioenakkoord is een gemiste kans.

"Het bod ligt er nog steeds", zei Koolmees op de vraag van D66 of het kabinet nog bereid is verder te praten. "Er kan worden gebeld, mijn telefoon staat bijna altijd aan", aldus de bewindsman.

Hij keek nog even hoopvol naar de publieke tribune waar Tuur Elzinga (vicevoorzitter FNV), Arend van Wijngaarden (waarnemend voorzitter CNV) en Nic Holstein (voorzitter VCP) het debat volgden.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!