Het ministerie van Justitie en Veiligheid zou in enkele gevallen "niet behoorlijk" of zelfs "onbehoorlijk" hebben gehandeld met het herschrijven van wetenschappelijke rapporten over drugs.

Dat blijkt volgens het AD uit een rapport over de zogenoemde WODC-affaire, dat woensdag wordt gepresenteerd. Volgens de onderzoekscommissie is de validiteit van de rapporten over drugs niet in het geding.

De onderzoekscommissie staat onder leiding van Jacques Overgaauw, oud-vicepresident van de Hoge Raad. De commissie werd ingesteld naar aanleiding van een klacht van een klokkenluider.

De onafhankelijkheid van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC) is van belang, omdat de rapporten van het centrum regelmatig dienen als basis voor beleid. Het ging om drie grote onderzoeken naar softdrugs, onder meer naar de coffeeshopsector.

De zaak kwam aan het licht toen klokkenluider Marianne van Oyen in 2014 een klacht indiende over de invloed van het ministerie op het WODC, dat belangrijke rapporten schrijft voor het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Een eerdere onderzoekscommissie concludeerde dat er onzorgvuldig was omgesprongen met de klacht van Van Oyen. Naar aanleiding daarvan stapte WODC-directeur Frans Leeuw in juni op.

Volgens de onderzoekscommissie-Overgaauw werd er bij drie grote onderzoeken naar softdrugs invloed uitgeoefend door het ministerie. Bij één van de rapporten werd er "op basis van een politieke inschatting" een bepaalde passage geschrapt.

Volgens de commissie zou het ministerie niet meer rechtstreeks moeten overleggen met het onderzoekscentrum, om ervoor te zorgen dat het WODC zijn onafhankelijkheid bewaart.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!