Het op termijn dichtdraaien van de gaskraan in Groningen scheelt het kabinet 900 miljoen euro in 2022 aan gasopbrengsten. Daarnaast wordt er vanaf dit jaar structureel 200 miljoen euro vrijgemaakt voor de gevolgen van de bevingsschade in de regio.

  • Lagere gasopbrengsten lopen op tot 900 miljoen euro in 2022
  • Kabinet steekt jaarlijks 200 miljoen in bevings- en herstelschade
  • Lagere opbrengsten worden opgevangen door meevallers, geen bezuinigingen 
  • Economie groeit harder dan eerder geraamd

De kosten worden betaald uit meevallers elders op de rijksbegroting. Bovendien blijkt uit berekeningen van het Centraal Planbureau (CPB) dat de economie sterker groeit dan aanvankelijk gedacht. Dat betekent dat er vooralsnog niet bezuinigd hoeft te worden.

Dat staat in de Voorjaarsnota die minister Wopke Hoekstra (Financiën) maandag naar de Tweede Kamer stuurt.

In deze nota staan de wijzigingen ten opzichte van Startnota, het uitgewerkte financiële plaatje van het vorig jaar gepresenteerde regeerakkoord.

De grootste wijziging heeft alles te maken met het kabinetsbesluit om de gaskraan in Groningen volledig dicht te draaien voor 2030. Daar was met het opstellen van het regeerakkoord nog geen rekening mee gehouden.   

Voor dit jaar worden de kosten van de lagere gaswinning geraamd op 150 miljoen euro. Dat bedrag loopt in drie stappen op tot 350 miljoen euro in 2021. Het jaar erna bedragen de misgelopen gasbaten 900 miljoen euro. 

De reden van die grote sprong heeft te maken met het installeren van een nog te bouwen stikstoffabriek. Daarmee kan buitenlands aardgas worden omgezet in gas dat ook voor het Nederlandse netwerk geschikt is. Die fabriek is vermoedelijk in 2022 klaar, waardoor de productie uit Groningen fors kan worden verlaagd.  

De 200 miljoen euro die vanaf 2018 ieder jaar wordt vrijgemaakt voor de gevolgen van de gaswinning, zijn bestemd voor de bevings- en herstelschade en de mogelijke rechtszaken die daarbij komen kijken.  

Er kan nog niet precies worden gezegd of dit voldoende is omdat het kabinet nog onderhandelt met de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en haar aandeelhouders Shell en Exxon over de precieze kostenverdeling die komt kijken bij de het dichtdraaien van de gaskraan.

Meevallers

Zowel de lagere gasopbrengsten als de kosten als gevolg van de bevingen worden dit jaar betaald uit meevallers en geld dat overblijft op de begroting van de ministeries.

Met name Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) dragen hier aan bij. Er zijn meevallers te melden dankzij lagere uitgaven aan medicijnen (350 miljoen), de huurtoeslag (100 miljoen) en een lager aantal AOW-gerechtigden (95 miljoen).

Hoe de kosten na 2019 worden gedekt, wordt op Prinsjesdag in september bekendgemaakt.    

Kader

Daarmee is ook meer duidelijkheid over de manier waarop de gasopbrengsten worden behandeld binnen de overheidsfinanciën. Die zijn sinds dit kabinet opgenomen in het zogenoemde uitgavenkader.

Zo’n kader is opgesteld om een norm te stellen aan de maximale uitgave van de overheid. Als er tegenvallers zijn en het uitgaveplafond wordt doorbroken, zal dat ergens anders in de begroting moeten worden opgevangen. Onder andere de PvdA vindt dit een slecht plan omdat een lagere gaswinning mogelijk ten koste gaat van bijvoorbeeld extra investeringen in de zorg.

Plaats je de gasopbrengsten buiten het kader, zoals het vorige kabinet deed, kun je tegenvallers opvangen in het overheidssaldo. In dat geval loopt de staatsschuld verder op. Maar Hoekstra noemde dit vorig jaar al niet zuiver. Zo worden volgende generaties immers opgezadeld met de tegenvallers.

Meer uitgaven

Het kabinet heeft meer extra uitgaven in petto. Zo gaat er 34 miljoen euro extra naar de douane en keuringsdiensten als voorbereidingen op de Brexit.

Ook zijn er hogere kosten (200 miljoen) vanwege een hoger aantal leerlingen en studenten dan eerder geraamd. Dat is niet zozeer kabinetsbeleid, maar een gevolg van het feit dat meer mensen besluiten een opleiding te volgen.

Een andere, niet voorziene uitgave zijn de hogere kosten aan de kinderopvangtoeslag. Vanwege de economische groei is er meer werk en maken mensen meer gebruik van de opvang dan verwacht. Dat kost het kabinet structureel 80 miljoen euro meer dan voorzien.

Groei

Er staat wat de financiën betreft ook goed nieuws in de Voorjaarsnota. Het CPB heeft berekend dat de economie harder is gegroeid dan waar rekening mee werd gehouden aan het begin van deze kabinetsperiode.

Die groei is onder meer te danken aan een hogere export, een gevolg van een groeiende wereldhandel. Ook de woningmarkt draagt een steentje bij aan de verbeterde groeicijfers.

De overheidsfinanciën staan er daarom florissanter voor. De staatsschuld is bijvoorbeeld iets verder gedaald, al komt dat mede door een eerdere bijstelling over het voorgaande jaar.

Het begrotingsoverschot (0,5 procent van het bbp) en de werkloosheid (3,9 procent) blijven ongewijzigd.

Hoewel de groei voor een belangrijk deel is te danken aan een toenemende wereldhandel, is het kabinet zich ook bewust van de internationale risico’s zoals de Brexit en het wispelturige (handels)beleid van de Verenigde Staten.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!