Het kabinet onderzoekt of kinderen van Nederlandse Syriëgangers uit Syrische kampen gehaald kunnen worden. Dat zei minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) dinsdag in het televisieprogramma Pauw.

Hij onderzoekt met de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) hoe de kinderen op een veilige manier kunnen worden teruggehaald.

"Het is uiterst moeilijke materie", aldus Grapperhaus. "Ik vind het vreselijk verkeerd dat kinderen zich in dit soort gebieden bevinden. De kinderen moeten daar weg. Ze moeten daar niet in een kamp zitten."

Eerder heeft de Kinderombudsman er al voor gepleit deze kinderen weg te halen. Niets doen is in strijd met het Kinderrechtenverdrag, zo redeneerde de Kinderombudsman. Ook D66 en ChristenUnie willen dit, maar VVD en CDA voelden er niets voor.

Premier Mark Rutte zei in april nog dat de Nederlandse regering de kinderen niet zou terughalen, omdat het risico te groot zou zijn. Rutte wees er destijds op dat Nederland geen diplomatieke betrekkingen met Syrië heeft.

In Irak en Syrië verblijven volgens de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid minimaal 145 kinderen met een "Nederlandse link". Ze zijn uit Nederland meegenomen door hun ouders, of daar geboren.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!