Interview: Wat zijn de grootste uitdagingen voor de EU?

Het is woensdag de Dag van Europa. NU.nl sprak met Europa-kenner Adriaan Schout van Instituut Clingendael over het vertrouwen in de EU, opstandige Centraal- en Oost-Europese lidstaten en de kansen die de Brexit biedt.

Wat is op dit moment de grootste uitdaging voor de Europese Unie?

"De bevolkingen en de politieke leiders moeten de EU als normaal gaan zien. Het animo om uit de Unie te stappen is zeer gering, maar er wordt heel veel gesproken, geschreven en gedacht alsof de EU in een existentiële crisis zit. Dat is niet zo. Er is veel kritiek op de EU in heel Europa, maar dat is geen existentiële kritiek. We moeten uit de sfeer komen dat Europa wordt bedreigd. Italianen, Nederlanders en Fransen willen misschien een ander soort Europa, maar we willen wel allemaal Europa."

Welke verschillende visies op de toekomst van de EU hebben de lidstaten dan?

"Italië, Frankrijk, Spanje en Griekenland zijn landen die Europa nodig hebben, omdat ze zichzelf niet sterk genoeg vinden. Ze willen daarom een federaal, sociaal en meer democratisch Europa, dat hen helpt om te hervormen."

"Noordelijke landen zoals Nederland en Finland - maar ook oostelijke lidstaten zoals de Baltische landen - willen een Europa dat iets toevoegt. Ze zijn happy met zichzelf, maar ze willen verrijking, bijvoorbeeld in de aanpak van internationale kwesties zoals de plastic-problematiek, klimaatverandering en het aanpakken van zaken zoals uitbuiting op de arbeidsmarkt en valse concurrentie. Die uiteenlopende visies van de lidstaten gaan natuurlijk gepaard met spanningen, omdat iedereen wat anders wil."

"De huidige Europese Commissie (EC) heeft de neiging zich aan te sluiten bij het ambitieuze 'zuidelijke idee'. Dat roept in alle landen weerstand op: in de zuidelijke landen belooft de EU dingen die niet kunnen worden waargemaakt en de noordelijke landen worden dingen voorgespiegeld die ze niet willen. De Commissie heeft in dat politieke krachtenveld niet zo handig geopereerd en lijkt soms te veel op de Zuid-Europese positie."

Hoe kan het vertrouwen van de burger in Europa worden verbeterd?

"We moeten Europa accepteren als een wezenlijk element van onze bestuurlijk-politieke omgeving. Als er hooggespannen verwachtingen worden gecreëerd, blijft teleurstelling op de loer liggen. Dat gaat zorgen voor een permanent gevoel van frustratie: de een vindt alles te traag gaan, een ander wil meer veranderingen en een derde juist minder. Die frustratie leggen wij onszelf op, en dat is onnodig. Het ontneemt het zicht op de hoofdlijn: het belang van Europa."

"We hebben de EU nodig, maar de federale ambities van iemand als EC-voorzitter Jean-Claude Juncker kunnen mensen op de staart trappen. Neem bijvoorbeeld het volledig afschaffen van de Nederlandse korting op de EU-bijdrage, daarmee zet je in Nederland die spanningen weer onder druk. Het maatschappelijk draagvlak voor Europa is er, maar het kan wel kapot."

U heeft het over draagvlak. Hoe zit dat met landen zoals Polen en Hongarije, die steeds meer autoritair en nationalistisch worden en daardoor in conflict raken met de rest van de EU?

"Die landen zijn met een bepaalde geschiedenis begonnen. Na de Koude Oorlog wilden ze modernisering, bij het Westen horen. Je ziet dat ze zichzelf nu herontdekken. De torenhoge verwachtingspatronen stuiten op de realiteit en hun zoektocht naar wie ze zijn, wat ze zelf kunnen, waar ze de EU voor nodig hebben en waar ze staan."

"Ik acht de kans zeer gering dat de EU ze zal laten vallen: we zullen ze erbij houden en willen ze ook niet veranderen in 'tweederangslidstaten'. Maar we zullen wel de druk erop willen en moeten houden om hervormingen af te dwingen, door te belonen en te straffen. En we zullen geduld met deze landen moeten hebben."

De EU-Commissie wil dat ook Macedonië, Albanië, Servië en Montenegro lidstaten worden. Is dat verstandig, gezien de problemen met de jongste lidstaten?

"Als je naar de kaart van Europa kijkt, zie je dat er gaten in de EU zitten. Juridisch gezien hebben die landen ook recht om toe te treden. Er zijn mensen die vinden dat de Unie die landen perspectieven moet bieden, omdat ze daardoor vaak gaan hervormen. Als je dat doet, zul je die perspectieven echter wel moeten waarmaken. Kijk bijvoorbeeld naar Turkije: we praten al jaren over het EU-lidmaatschap van dat land, maar niemand gelooft het meer."

Persoonlijk denk ik dat er iets naïefs zit in die discussie over uitbreiding van de EU. We weten - en dat wisten we al voordat de EU überhaupt werd gevormd - dat het heel moeilijk is om landen te hervormen en te laten aanpassen. Het is een risico om landen binnen te halen die zo ver afstaan van wat je van ze mag verwachten, bijvoorbeeld op het gebied van bestuurlijke betrouwbaarheid, corruptie en de kracht van de rechtsstaat. Dat gaat heel lang duren en die frustratie moeten we niet nog een keer importeren."

"Daarbij, in Europa hebben we een zekere homogeniteit nodig; we moeten ons kunnen herkennen in de EU. De identificatie van de burger met Europa gaat er niet beter op worden als zwakke en problematische landen lid worden. Dat vind ik opnieuw een onderschat gevaar. Daar komt nog bij dat die landen samen een blok kunnen vormen dat ook een probleem wordt. Dat zie je bijvoorbeeld gebeuren bij de Viségrad-groep (Hongarije, Polen, Slowakije en Tsjechië, die zich gezamenlijk verzetten tegen de Brusselse verdeelsleutel voor asielzoekers tijdens de Europese vluchtelingencrisis, red.)."

"Samenwerking en perspectieven daarop bieden zijn verstandig, maar verdere uitbreiding…"

Naast de landen die er graag bij willen, hebben we ook nog een land dat weggaat. Volgend jaar al. Hoe staat het eigenlijk met de Brexit-onderhandelingen?

"Dit soort onderhandelingen gaan altijd pas op het laatste moment duidelijkheid verschaffen, want er staat voor allerlei partijen heel veel op het spel. Voor de Britten en de EU is er één groot probleem, en dat is de grens tussen Noord-Ierland en Ierland. De relatie tussen die twee landen is buitengewoon ontdooid, en dat kwam voor een deel door Europese integratie. Er zal nu dus toch iets moeten worden geregeld - of dat nu grenscontroles tussen Noord-Ierland en Ierland of tussen Noord-Ierland en de rest van het Verenigd Koninkrijk is."

"Er valt niet te ontkennen dat de Brexit op de korte termijn ontzettend verstorend is, maar als de Britten eruit gaan, krijgen we iets terug wat Nederland altijd al wilde in Europa: beleidsconcurrentie. Tot nu toe is de EU heel harmoniserend van aard. Dat levert een eerlijk speelveld met gelijke kansen op. Daarbij wordt soms vergeten dat concurrentie ook ontzettend nuttig kan zijn, bijvoorbeeld om innovaties aan te jagen."

Adriaan Schout was woensdag ook aanwezig op de redactie van NU.nl om vragen van lezers over de Europese Unie te beantwoorden op NUjij, ons reactieplatform. 

Lees meer over:
Tip de redactie