Het commando van de strijdkrachten is donderdagochtend officieel overgedragen aan Rob Bauer, de nieuwe hoogste militair van het leger.

Bauer is de opvolger van generaal Tom Middendorp die dinsdag opstapte vanwege de grote politieke ophef over een fataal mortier-ongeluk in Mali. Ook minister Jeanine Hennis van Defensie legde haar functie dinsdag neer.

Bauer was sinds 2015 al plaatsvervanger van Middendorp en voordat die opstapte was al duidelijk dat Bauer hem dit jaar zou vervangen.

De overdracht van het commando vond plaats op vliegbasis Gilze-Rijen. Eigenlijk was een grote ceremonie gepland op het Binnenhof in Den Haag, maar die werd afgeblazen vanwege het plotselinge vertrek van Middendorp.

Waarnemend minister van Defensie Klaas Dijkhoff was aanwezig bij de sobere ceremonie.

Verantwoordelijkheid

De nieuwe commandant van de strijdkrachten voelt nog sterker de verantwoordelijkheid om ook nee te zeggen tegen de politiek als een opdracht te gevaarlijk is. Luitenant-admiraal Rob Bauer heeft dat donderdag onderstreept bij de aanvaarding van zijn nieuwe baan als hoogste militair van het land.

''De druk op de krijgsmacht is en blijft groot maar ik zal nadrukkelijk nee zeggen als een opdracht van de politiek onverantwoord en niet uitvoerbaar is. Als een eenheid niet klaar is voor uitzending, dan sturen we die eenheid niet. Er mag geen twijfel bestaan over missieveiligheid'', zei Bauer in zijn toespraak na de overdracht.

Een hard rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) naar verwijtbaar gedrag van Defensie in de Mali-zaak leidde dinsdag tot het vertrek van Middendorp en van minister Jeanine Hennis van Defensie.

Vertrouwen

Bauer meent dat hun vertrek niet voor niets mag zijn geweest. Het vertrouwen van de politiek, de samenleving én het personeel moet worden hersteld, aldus Bauer. Hij waarschuwde dat het nog wel een flinke tijd, wel een paar jaar, kan duren voordat alle effecten van nieuwe investeringen merkbaar zijn.

''De krijgsmacht loopt op haar tandvlees. We zijn begonnen met het herstel van de meest acute problemen. We weten echter ook dat het tijd kost om de organisatie op orde te brengen. Het is niet van vandaag op morgen geregeld. De effecten op de werkvloer zijn nog nauwelijks merkbaar. Dat frustreert onze mensen en dat begrijp ik.''