Minister Jeanine Hennis laat onderzoeken of Defensie op enig moment nalatig is geweest of verwijtbaar heeft gehandeld, naar aanleiding van het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) over een ongeluk met een mortiergranaat in Mali.

Hennis meldt dit vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer. Het onderzoek wordt gedaan onder leiding van een extern persoon. Eerder op de dag liet ze al weten dat er een extra controle komt van de munitie die uitgezonden militairen bij zich hebben op missies.

Hennis zegt eraan te hechten dat mogelijke nalatigheid wordt onderzocht, al heeft de OVV zich in zijn rapport over de zaak nadrukkelijk niet gericht op schuld of aansprakelijkheid, aldus de minister.

Het ongeluk met een mortiergranaat kostte twee militairen in Mali het leven. Volgens het rapport was Defensie "ernstig tekort geschoten'' in de zorg voor de veiligheid van de militairen. De OVV stelt vast dat de granaten ondeugdelijk waren. 

Druk

De positie van Hennis staat sinds het uitkomen van het rapport over het mortierongeluk onder druk. Demissionair vice-premier Lodewijk Asscher (PvdA) vindt de conclusies van de onderzoeksraad dermate zwaar dat de minister moet overwegen om op te stappen.

Premier Mark Rutte wil daar vrijdag nog niet op reageren. Hennis zegt dat ze dinsdag de balans zal opmaken na een Kamerdebat over de kwestie.

Intussen willen de nabestaanden van de omgekomen militairen naar de rechter stappen. Ze hebben een advocaat in de arm genomen wegens de ondeugdelijke granaten. "Alles staat nog open, maar dat Defensie in juridische zin aansprakelijk is, staat wel vast'', aldus de raadsman van beide families vrijdag.