Minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel) gaat onderzoeken welk aandeel twee Nederlandse bedrijven hebben gehad in de bouw van een omstreden brug tussen Rusland en de Krim.

Omdat Nederland de inlijving van het Oekraïense schiereiland Krim door Rusland niet erkent, hadden de bedrijven mogelijk niet mogen deelnemen aan het project.

De Gelderlander ontdekte dat het Dodewaardse Dematec Equipment en Bijlard Hydrauliek uit Milsbeek begin 2016 samen een heihamer hebben geleverd, die voor de bouw van de brug is gebruikt. Dematec-directeur Derk van den Heuvel zegt in die krant dat zijn materieel slechts op Russisch grondgebied is ingezet.

Ploumen waarschuwt dat Nederland niet wil bijdragen aan de normalisering van de situatie op de Krim. De bouw van een brug die het bezette Oekraïense schiereiland met Rusland verbindt, kan volgens de minister worden gezien als zo'n bijdrage.

Inlijving

De brug tussen Rusland en de Krim, met een lengte van 19 kilometer en een prijskaartje van 2,7 miljard euro, wordt door de Kremlin beschouwd als een belangrijke stap in de richting van integratie van de Krim. De Europese Unie staat daar niet achter. 

Wegens de inlijving van het schiereiland hebben de 28 EU-lidstaten economische sancties opgelegd aan Rusland. Zo mogen Europese bedrijven geen goederen uit de Krim importeren en mogen zij er niet investeren. De strafmaatregelen zijn in juni met een jaar verlengd.