De Eerste Kamer heeft dinsdag ingestemd met het invoeren van een lerarenregister. In navolging van advocaten, artsen en verpleegkundigen krijgen docenten een landelijk register waarin zij hun kennis en ervaring moeten gaan bijhouden.

Het register moet in augustus 2018 van start gaan. In 2019 moeten alle leraren zich hebben aangemeld voor de lijst. In het online register komt te staan welke scholing leraren hebben gehad en hoe zij hun kennis over het vak op peil houden.

De beroepsgroep moet zelf gaan bepalen hoe het register wordt ingevuld en aan welke criteria docenten voortaan moeten voldoen om een vermelding in het register te krijgen. De Onderwijscoöperatie, de koepel van een groot deel van de lerarenvakbonden, gaat de leiding nemen in het overleg over deze invulling dat de komende maanden vorm moet krijgen.

De overheid wil elke inschrijving om de vier jaar opnieuw evalueren. Als leraren niet aan alle criteria voldoen, komt er een notitie bij hun naam te staan in het register.

Beter onderwijs

Staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) stelt dat "leraren door de wet meer ruimte voor eigen vorming krijgen." Volgens de staatssecretaris komt het register de kwaliteit van het onderwijs in Nederland ten goede.

Het register is niet onomstreden. Volgens vakbond LIA is er onder leraren totaal geen draagvlak voor het register.

Geen draagvlak

De koepel is niet perse tegen een register, maar vindt dat Dekker de echte problemen in het onderwijs niet aanpakt. Het register is volgens LIA geen oplossing voor de te grote klassen en de te hoge werkdruk, zaken waar veel docenten over klagen.

Bovendien hebben veel docenten het gevoel dat de politiek het onderwijs enorm betuttelt en niet luistert naar wat er echt leeft onder de leerkrachten. Een petitie tegen het register werd door bijna dertigduizend docenten ondertekend. Nederland telt meer dan tweehonderdduizend leraren.