Het initiatiefwetsvoorstel van VNL om het verbod op groepsbelediging, haatzaaien en discriminatie te schrappen uit het wetboek van strafrecht kan niet rekenen op de steun van de Tweede Kamer.

Dat bleek donderdag tijdens de behandeling van het wetsvoorstel.

VNL wil met het afschaffen van artikel 137c (groepsbelediging) en 137d (aanzetten tot haat en discriminatie) van het Wetboek van Strafrecht de vrijheid van meningsuiting verruimen.

Een grote meerderheid in de Kamer vindt het voorstel ondoordacht, omdat het de deur opent naar discriminatie en krenking van kwetsbare groepen zoals joden, moslims, vrouwen, homo’s en gehandicapten.

Joden

CDA-leider Sybrand Buma verzet zich hevig tegen het voorstel. Hij vreest dat het schrappen van de verboden de deur zal openen tot geweld. Buma wijst erop dat de huidige wet stamt uit de jaren dertig en was bedoeld om met name joden te beschermen tegen het opkomend nazisme. Hij wil de strafmaat voor het aanzetten tot haat juist verdubbelen.

D66 zegt pal te staan voor de vrijheid van meningsuiting, maar wijst erop dat die begrensd is. "Muren bekladden met hakenkruisen. Zwaaien met IS-vlaggen. Anti-homo-flyers verspreiden. Antisemitische leuzen in voetbalstadions. Imams die homo’s kakkerlakken noemen. Het wordt allemaal toegestaan. Dat pad wil ik niet op. Nooit." Bovendien maakt dit voorstel het onmogelijk om zogenoemde haatimams te vervolgen voor beledigende en haatzaaiende uitingen, vinden ook SP, ChristenUnie en SGP.

PVV

De PVV steunt het voorstel van de ex-partijgenoten Joram van Klaveren en Louis Bontes. "Er is geen vrijheid zonder vrijheid van meningsuiting, het is een cruciaal onderdeel van de democratie", zegt Kamerlid Martin Bosma. "Er is een recht om op lange tenen te staan."

De VVD schaart zich niet achter de afschaffing van het verbod op haatzaaien en discriminatie, maar voelt wel voor het schrappen van groepsbelediging. Volgens Kamerlid Joost Taverne is de vrijheid van meningsuiting een belangrijke voorwaarde om vrijlijk van gedachte te kunnen wisselen in een open democratische samenleving. 

Volgens de VVD’er zijn er andere wetsartikelen waar mensen die zich individueel beledigd voelen zich op kunnen beroepen, daar is het verbod op groepsbelediging niet voor nodig. Dat klopt volgens Pechtold en Buma echter niet. 

Pechtold: "Je kunt niet vrijwillig tot een groep behoren". Hij heeft het onder andere over homo’s of vrouwen. Buma wijst erop dat het verweer dat je je op andere artikelen kunt beroepen in geval van belediging in de juridische praktijk geen stand houdt. "80 procent van de zaken met betrekking tot antisemitisme leidt bij de rechter tot een veroordeling op basis van artikel 137c."

'Oplichterij'

Buma verweet met name de PVV "politieke oplichterij", omdat voorman Geert Wilders, maar ook de indieners van het wetsvoorstel van VNL, geregeld Kamervragen indienen wanneer een haatimam over de schreef gaat. "Als dit voorstel het haalt, dan mag een haatimam de meest verschrikkelijke dingen zeggen over homo’s", aldus Buma. "Doe enigszins moeite om enige juridische bagage mee te nemen naar dit debat."

De PVV werkte overigens zelf aan eenzelfde initiatiefwet van dezelfde strekking, maar Kamerlid Martin Bosma had het voorstel laten verstoffen. Daarover zei hij dat hij dat bewust deed, omdat hij al zag aankomen dat er geen meerderheid in de Kamer zou zijn. 

Pechtold merkt op dat het de PVV anders niet verhinderd heeft om andere onhaalbare voorstellen in te dienen.

De indieners van de wet reageren op een later tijdstip op de kritiek van de Kamer.