Het verbod om dieren te houden moet een straf op zich worden voor mensen die slecht met beesten omgaan. 

Nu kan het alleen nog maar als extra maatregel worden opgelegd bij een ander vonnis wegens dierenverwaarlozing- of mishandeling, bijvoorbeeld een boete. Maar justitieminister Ard van der Steur wil dat zo snel mogelijk veranderen.

Dat schrijft hij donderdag aan de Tweede Kamer. Hij wil tevens dat de mogelijkheid om een verbod op te leggen om beesten te houden, bekender wordt. Ook moet zo'n verbod gemakkelijker worden om te controleren.

Er is onderzoek gedaan naar houdverboden. Het middel wordt volgens de onderzoekers nog onvoldoende benut en als het wel wordt toegepast, is de handhaving daarvan niet altijd waterdicht.

Boete betalen 

Ook weten mensen weleens aan een houdverbod als extra maatregel te ontsnappen. Iemand krijgt bijvoorbeeld een voorwaardelijke boete en mag voor lange tijd geen dieren meer houden. Doet hij dat toch, dan moet hij die voorwaardelijke boete betalen. Maar dan geldt het houdverbod volgens de huidige regels niet meer, want de boete was de eigenlijke straf. Het niet houden van dieren was de voorwaarde om die boete niet te hoeven betalen.

Dierenwelzijn is belangrijk, aldus Van der Steur, en leeft ook erg onder de bevolking. Justitie pakt het ook steeds vaker op. Werden er in 2010 nog 306 zaken aan de rechter voorgelegd, in 2014 waren het er al 563. De boetes bedragen gemiddeld 1640 euro. Houdverboden komen er wel steeds vaker bij, maar volgens de onderzoekers en in hun kielzog Van der Steur dus nog niet genoeg.