Premier Mark Rutte bezondigde zich in de jaren voor zijn premierschap aan 'platpopulistische oppositiepolitiek'.

Dat zegt vertrekkend ChristenUnie-leider Arie Slob in een interview met NU.nl. Komende week neemt hij afscheid.

In het interview blikt Slob onder andere terug op de periode dat de ChristenUnie onderdeel was van het kabinet-Balkenende 4 (2007-2010). Slob was destijds fractievoorzitter.

Rutte had felle kritiek op dit kabinet, omdat het niks zou doen aan het snel oplopende begrotingstekort door de economische crisis. De VVD-leider diende zelfs een motie van wantrouwen in tegen het kabinet.

"Dat is dezelfde Rutte die in de oppositie alles waar de partij eerder voor stond opeens losliet. De partij was voor rekeningrijden. Toen ineens niet meer", aldus Slob.

Taliban in de polder

"Hij zei zelfs: de vijand zit in het Torentje. Toen had hij het over minister-president Jan Peter Balkenende. Probeer je dat eens even voor te stellen."

"En de VVD beschuldigde de christelijke partijen ervan dat het de Taliban in de polder was. Omdat we andere opvattingen hadden over de zondagsrust dan zij."

Hij zegt het Rutte inmiddels te hebben vergeven en is hem "oprecht gaan waarderen"

Crisis midden-oosten

In het interview zegt Slob verder dat de crisis in het midden-oosten hem niet heeft doen twijfelen aan zijn geloof in God, maar het geloof voor hem juist sterker heeft gemaakt.

"In die gebrokenheid waar we in de wereld mee te maken hebben, en die zich zo ernstig manifesteert, is het geloof voor mij een baken van rust en houvast. Ook om dat soort situaties aan te kunnen", stelt hij.

"Natuurlijk heb ik ook vragen. Voor mij is een gelovig mens zijn nooit synoniem geweest voor iemand die overloopt van zekerheid. Ik heb niet de hele wereld in mijn zak. Een gelovige is niet iemand die een volmaakt afgerond wereldbeeld heeft, alles kan begrijpen, precies snapt hoe alles werkt."

Lees hier het interview met Arie Slob