Kamer neemt binnen drie maanden besluit over vervolgen fractieleiders

De Tweede Kamer moet uiterlijk 3 februari een besluit nemen of de Kamer overgaat tot vervolging van een of meerdere fractievoorzitters wegens lekken uit de commissie-Stiekem.

Dat maakte het presidium, het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer, donderdagavond bekend in een brief aan de Kamer.

Besluit de Kamer voldoende grond te zien voor vervolging, dan zal binnen de gestelde termijn de procereur-generaal van de Hoge Raad de opdracht moeten worden gegeven om tot vervolging over te gaan.

Omdat het besluit binnen drie maanden moet worden genomen, moet de Tweede Kamer uiterlijk volgende week de taakomschrijving afgerond hebben. Ook de commissieleden moeten binnen zeven dagen benoemd zijn. De commissie moet bestaan uit tenminste vijf Kamerleden.

Zij krijgen dezelfde bevoegdheden als een parlementaire enquêtecommissie. Dat betekent dat alle opgeroepen getuigen moeten komen opdagen en onder ede verhoord kunnen worden.

Van Miltenburg schrijft in de brief dat de kwestie "het parlement in een slecht daglicht stelt". "Het is van belang om de betrouwbaarheid en goede naam van de volksvertegenwoordiging snel te zuiveren", aldus de Kamervoorzitter.

Ambtsmisdrijf

Het bestuur van de Tweede Kamer kwam eerder donderdag bij elkaar, nadat het Openbaar Ministerie woensdagavond bekendmaakte niet bevoegd te zijn om de kwestie te onderzoeken. 

Eerder deze week bleek dat er aangifte is gedaan wegens het lekken uit de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten, oftewel de commissie-Stiekem, aan NRC Handelsblad.

De commissie, die staatsgeheime zaken bespreekt met de ministers die verantwoordelijk zijn voor de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, bestaat uit de fractievoorzitters van de gekozen partijen. Lekken uit deze commissie geldt als een ambtsmisdrijf.

Plasterk

Aanleiding is de rel die vorig jaar speelde rond minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk en de aangifte die vervolgens werd gedaan door VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra in zijn rol als voorzitter van de commissie-Stiekem.

In 2014 kwam Plasterk in grote politieke problemen doordat hij de Amerikanen verweet 1,8 miljoen tapgegevens te hebben opgehaald in Nederland. In werkelijkheid bleek dat Nederland deze taps zelf had uitgevoerd en geleverd aan de Amerikanen.

Hij zou de Kamer hierover echter niet direct hebben geïnformeerd toen hij zijn fout ontdekte. In de Kamer kreeg hij van een groot deel van de oppositie daarom een motie van wantrouwen aan de broek, inclusief van toenmalig gedoogpartner D66. Het zorgde voor een behoorlijke ruzie tussen PvdA-leider Diederik Samsom en D66-leider Alexander Pechtold. Vlak na het debat bleek waarom.

Vertrouwelijk

NRC wist te melden dat de commissie-Stiekem wel degelijk eerder vertrouwelijk was geïnformeerd over de werkelijke herkomst van de taps.

En aangezien lekken uit deze commissie strafbaar is deed Zijlstra aangifte. Nu, ruim anderhalf jaar later, komt het Openbaar Ministerie er pas achter dat het niet bevoegd is om te beslissen over de vervolging van een Kamerlid.

Lees meer over:
Tip de redactie