Nederland heeft de Europese grensbewakingsorganisatie Frontex 35 extra mensen aangeboden.

Dat heeft een woordvoerster van verantwoordelijk staatssecretaris Klaas Dijkhoff woensdag laten weten. Het gaat om vijftien mensen van marechaussee en zeehavenpolitie en verder twintig tolken.

Nederland had dit jaar al 120 mensen ter beschikking gesteld aan het Europees agentschap voor de operationele samenwerking aan de buitengrenzen van de Europese lidstaten. De marechaussee zette ook een kustwachtvliegtuig in bij Italië en een motorboot bij Griekenland.

Prioriteit

De versterking van de Europese buitengrenzen heeft nu de grootste prioriteit, aldus het ministerie. Wel blijft het ministerie de eigen verantwoordelijkheid van landen benadrukken.

''De landen aan de buitengrenzen van de EU zijn in de eerste plaats verantwoordelijk voor de bewaking van hun eigen buitengrenzen. Nederland biedt deze landen hulp, maar deze landen moeten ook zelf de handen uit de mouwen steken om te voorkomen dat mensen ongeregistreerd de EU inreizen.''

Test

Dijkhoff overlegde woensdag in Berlijn met minister Thomas de Maizière van Binnenlandse Zaken en staatssecretaris Stefanie Hubig van Justitie. ''De uitzonderlijk hoge asielinstroom via de westelijke Balkan is de grootste test voor Europese samenwerking in de recente geschiedenis. Het is een gezamenlijk probleem dat we gezamenlijk moeten oplossen”, aldus Dijkhoff na afloop.

''We kunnen niet achterover leunen en zo het einde van Schengen inluiden”, zei hij over het versterken van de buitengrenzen.

Nederland wil dat alle asielaanvragen evenredig over de landen worden verdeeld en dus niet alleen de asielaanvragen gedaan in landen als Griekenland en Italië. ''Hiermee voorkomen we dat asielzoekers ongecontroleerd doorreizen naar een ander land”, licht Dijkhoff toe.