Minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken heeft de provincies een brief geschreven met de oproep om opvangplekken te vinden voor asielzoekers. 

Hij laat weten dat er een voorkeur is voor grootschalige noodopvang.

"Grote locaties hebben de voorkeur, omdat het tot minder verhuisbewegingen van asielzoekers leidt en bovendien beter te organiseren is", schrijft Plasterk. Hij denkt aan opvang in de orde van grootte van Heumensoord bij Nijmegen, waar nu al vluchtelingen worden opgevangen.

Per provincie zouden 2000 tot 2500 plaatsen voor noodopvang ter beschikking kunnen komen. Noodopvang is naar verwachting in ieder geval tot en met 2016 nodig, schrijft de minister. Plasterk schreef de brief mede namens staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Asiel).

Kort dag

In de brief, die deze week naar de provincies is gestuurd, vraagt Plasterk de provincies uiterlijk maandag een overzicht te geven van verschillende mogelijkheden voor het realiseren van grote opvanglocaties.

''Het is kort dag'', zei Clemens Cornielje, commissaris van de Koning in Gelderland, zaterdag in Nieuwsuur. ''Maar we doen ons best. De provincies willen de gemeenten graag helpen die taak te volbrengen.''

Noodsituatie

Cornielje kon nog niet zeggen of alle provincies erin slagen grote noodopvanglocaties te vinden, maar andere provincies kunnen dan eventueel nog bijspringen. Hij noemde de grote opvang in Heumensoord niet ideaal, maar maar wel een heel goede oplossing in een noodsituatie.

De brief van Plasterk is een vervolg op het overleg met het kabinet, gemeenten en provincies op 9 oktober over de opvang van vluchtelingen. Na afloop van dat gesprek zeiden de deelnemers ''schouder aan schouder'' het probleem op te gaan lossen.