Het kabinet moet pooiers en mensenhandelaren niet langer aanduiden met de term 'loverboys'. Dat verhult namelijk de ellende waar de slachtoffers mee te maken hebben.

Dat zegt VVD-Kamerlid Brigitte van der Burg tegen NU.nl.

"Ik blijf me enorm storen aan het gebruik van de term loverboys, die verhult de schrijnende verhalen die er achter deze problematiek schuilgaan", stelt de VVD'er. Volgens het Kamerlid is er niets "liefs of vriendelijk" aan een loverboy. 

"Dit is misbruik, dit is mensenhandel", aldus Van der Burg. 

Woensdag debatteert de Tweede Kamer over de loverboyproblematiek. De term loverboy wordt gebruikt voor mensenhandelaren en pooiers die jonge kwetsbare meisjes verleiden tot een relatie met als doel haar tot prostitutie te dwingen.

Pooiers

De VVD pleit voor een herintroductie van de term 'pooierboy', zoals dat in 2008 door toenmalig minister van Justitie Ernst Hirsch-Ballin eerder is voorgesteld. "Het zijn pooiers", stelde de oud-minister, die loverboy veel te vriendelijk vond klinken.

Van der Burg: "Wat mij betreft gaan ook het kabinet en de mensen die deze problemen moeten aanpakken het beestje voortaan bij die naam noemen."

Ook de commissie 'Aanpak meisjesslachtoffers loverboys', onder leiding van oud-GroenLinks-Kamerlid Naïma Azough, pleit voor aanpassing. "Loverboy klinkt veel te lieflijk. Alsof het alleen gaat over knappe aardige jongens die meisjes weten in te palmen. Maar het gaat om geweld, chantage, verkrachting en uitbuiting", zegt Azough.

Effectief

Dat de term pooierboy niet is overgenomen, is volgens Azough te wijten aan het feit dat de media en betrokken instanties vasthielden aan loverboy. Een nieuwe term van de ene op de andere dag willen introduceren is niet effectief, stelt zij.

Daarom moet de overheid, zowel het rijk als de gemeenten, de term loverboy voortaan koppelen aan mensenhandel, zegt Azough, zodat mensen de koppeling met de bredere problematiek rond mensenhandel zullen maken. Volgens Azough kan de term loverboy hierdoor op den duur verdwijnen.

Staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) staat niet negatief tegenover het pleidooi van de VVD. "Als er ideeën zijn om met andere termen dezelfde of betere resultaten te bereiken in de aanpak van loverboys, staan we daar natuurlijk voor open", zegt Van Rijn. "Want welke term je ook gebruikt, over een ding zijn we het allemaal eens: loverboy/pooierboy/mensenhandelaarpraktijken moet je keihard aanpakken."