De afspraken die het kabinet voor de zomer had gemaakt met drie vakcentrales over loonsverhogingen voor ambtenaren zijn donderdag bekrachtigd. 

Dat gebeurde in de zogeheten Pensioenkamer, waarin vakbonden overleggen met de overheidswerkgevers. Alleen vakcentrale FNV is tegen de deal en stapt naar de rechter.

"Na deze formele stap in de Pensioenkamer is de ruimte voor ruim 5 procent loonsverhoging en 500 euro eenmalig daar; nu kunnen alle bonden en werkgevers de cao-onderhandelingen beginnen'', aldus minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken in een reactie. Het loonakkoord moet ervoor zorgen dat een einde komt aan de jarenlange nullijn in grote delen van de publieke sector.

De FNV beschouwt de loonstijging als een sigaar uit eigen doos. De stijging leidt tot pensioenverslechtering, zo is de mening van de vakcentrale. De achterban van de andere vakcentrales CNV, Ambtenarencentrum en CMHF stemden wel in met de afspraken. 

Ultimatum

Woensdag stelde de FNV het kabinet en de drie andere vakcentrales nog een ultimatum om het loonakkoord binnen 24 uur van tafel te halen. Dit ultimatum is donderdagochtend verlopen. Een woordvoerder bevestigt dat de bond de voorgenomen rechtsgang wil doorzetten. Bij welke rechtbank de zaak gaat dienen is nog niet bekend. 

FNV zet vraagtekens bij de interpretatie van een convenant uit 1996. Daarin staat dat een akkoord rechtsgeldig is als een meerderheid van de vier betrokken vakcentrales zijn handtekening zet, hetgeen het geval is met alleen het ontbreken van FNV.

De vakcentrale vindt dat er gekeken moet worden naar het aantal leden. Daarnaast vindt de FNV dat er geen "open en reëel overleg" kan plaatsvinden waarbij de uitkomst van een onderhandeling van tevoren niet mag vaststaan.