Christenen uit Iran kunnen iets makkelijker asiel krijgen in Nederland. Zij worden voortaan aangemerkt als risicogroep, wat betekent dat zij eenvoudiger kunnen aantonen dat zij vervolging vrezen in hun eigen land. 

Deze bepaling geldt ook voor bahai's en soefi's.

Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) heeft woensdag aan de Tweede Kamer geschreven dat hij het asielbeleid op dit punt aanpast.

De drie religieuze groepen zijn minderheden in het islamitische Iran. Vanwege hun moeilijke positie in de maatschappij beschouwde Nederland ze al als 'groepen van bijzondere aandacht'.

Volgens Dijkhoff hebben bepaalde groepen christenen het erg zwaar, omdat de Iraanse overheid ze beschouwt als een bedreiging voor de nationale veiligheid. Het gaat onder andere om leden van huiskerken en moslims die bekeerd zijn tot het christendom.

Het asielbeleid voor Iraanse lesbiennes, homo- en biseksuelen en transgenders (lhbt's) blijft ongewijzigd. Zij krijgen in Nederland asiel, omdat zij ''een gegronde vrees hebben voor vervolging'' en dit blijft zo.

Overigens krijgen deze religieuze en seksuele minderheden niet automatisch een vluchtelingenstatus. De Immigratie en Naturalisatiedienst IND blijft de verhalen en achtergronden van de betrokkenen individueel toetsen.

Dijkhoff baseert zijn besluit op een recent verslag van het ministerie van Buitenlandse Zaken over de situatie van minderheden in Iran.