Het invoeren van een zogeheten kostendelersnorm voor AOW'ers is donderdag opnieuw uitgesteld. Wat de PvdA betreft moet het plan nu definitief van tafel.

Dat laat Kamerlid John Kerstens weten aan NU.nl.

Als gevolg van wat door critici de 'mantelzorgboete' wordt genoemd, zouden bijvoorbeeld ouderen met AOW die bij hun kind inwonen minder krijgen. 

Het idee hierachter is dat mensen die samen op een adres wonen, kosten kunnen delen en dus minder geld nodig hebben. In sommige gevallen zou een huishouden er honderden euro's op achteruit gaan.

Op het plan van staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken) kwam veel kritiek, omdat het immers financieel minder aantrekkelijk zou worden om als ouder een kind of als kind een ouder in huis te nemen om mantelzorg te verlenen. Volgens sommigen wordt het daardoor zelfs onmogelijk gemaakt.

Ook leek het plan te sneuvelen in de Eerste Kamer. Het kabinet besloot daarom vorig jaar al tot uitstel om onder andere het Sociaal en Cultureel Planbureau te vragen de effecten te onderzoeken.

De bedoeling was om deze kostendelersnorm in de Algemene Ouderdomswet (AOW) per 1 juli 2016 in te voeren, maar nu is besloten dat deze ingaat op 1 januari 2018, zo liet Klijnsma donderdag weten. 

Slechte zaak

Kerstens voelt zich gesteund door de conclusie van SCP dat invoering van de kostendelersnorm een slechte zaak is. Hij noemt het uitstel van donderdag "een mooie eerste stap". Maar wat Kerstens betreft "komt van uitstel afstel."

"We moeten mantelzorg stimuleren en niet frustreren", aldus de PvdA'er. "Ook gezien de relatie met de decentralisatie in de zorg, waarbij mantelzorg een belangrijke rol kan spelen. Zeker tegen de achtergrond van het feit dat mensen langer thuis willen blijven wonen.

De VVD wil nog even niet reageren op de stelling van Kerstens. Kamerlid Anoushka Schut laat weten de stappen van het kabinet te willen afwachten.