Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) en Jos Wienen van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben dinsdag in Den Haag voor het eerst overleg gevoerd over de nieuwe aanpak van de opvang van illegalen. 

Over deze zogenoemde bed-, bad- en broodkwestie struikelde het kabinet eerder dit jaar nog bijna.

Het kabinet wil de opvang van illegalen concentreren in de vijf grote steden en in het uitzetcentrum in Ter Apel en dat voor een ''beperkt aantal weken''.

Tientallen andere gemeenten moeten dus hun eigen huidige bed-,bad-,en-broodvoorzieningen sluiten, anders krijgen ze minder geld, een boete van het Rijk. Er zijn in die plaatsen al veel bezwaren gerezen en enkele gemeenten hebben gezegd dat ze geen opvangplekken gaan sluiten.

In het overleg met de gemeenten moeten nu de definitieve afspraken worden gemaakt over het aantal locaties, het aantal weken dat de opvang van een illegaal mag duren en over de boetes die gemeenten kunnen krijgen als ze dwarsliggen.

Werkbare oplossing

Wienen vindt de boetes nog steeds onaanvaardbaar, maar ziet ''ruimte voor een werkbare oplossing'' , zei hij na afloop van het eerste korte gesprek. Dijkhoff ziet ''genoeg aanknopingspunten'' om tot afspraken te komen. De praktijk moet ''beter worden dan nu'' en de partijen ''vinden elkaar in die ambitie.''

Dijkhoff zei dat het hem nu vooral om de inhoud van het overleg gaat en niet zozeer om de cijfertjes. ''Alles kan, maar het moet wel werkbaar zijn.'' Wienen vindt het een ''ingewikkelde kwestie'' , maar hij gaat ervan uit dat alle gemeenten zich aan de overeenkomsten gaan houden als er ''een goede afspraak'' is. Die moet er 1 november zijn.