De nieuwe rekentoets kan helpen voorkomen dat jongeren in de schulden raken. Als jongeren beter leren rekenen, dan krijgen ze een beter beeld van wat er te koop is voor welke prijs.

Ze zouden dan bijvoorbeeld beter kunnen inschatten wat het gebruik van een mobiele telefoon per maand zou kosten. Minister Jet Bussemaker van Onderwijs wijst daar dinsdag op in de Tweede Kamer na vragen van de PvdA over de toenemende schulden van mbo'ers.

De rekentoets is omstreden in de Kamer. Vooral de inhoud van de toets en de verplichting ervan stuit op harde weerstand bij een groot deel van de oppositie.

De opmerking leidde meteen tot een felle reactie van D66. ''Een gotspe'', zegt D66-Kamerlid Paul van Meenen. Volgens hem raken scholieren juist in de schulden, doordat ze allerlei dure cursussen moeten volgen om die ''rare'' toets goed te kunnen afronden.

De toets wordt vanaf komend schooljaar verplicht voor alle leerlingen op de hoogste niveaus van het vmbo, de havo, het vwo en mbo niveau 4 om het diploma te halen. Het wetsvoorstel kreeg onlangs steun van VVD, PvdA en de PVV.

Kwetsbaar

Bussemaker deelt de zorgen van de PvdA over de hogere schulden van mbo'ers, omdat zij vaak toch al kwetsbaar zijn. Maar ze benadrukt dat het probleem vaak niets te maken heeft met hun studie.

Het ontstaat volgens haar vooral door consumptieve uitgaven. Het CDA en de ChristenUnie spreken dit weer tegen.

Om het financiële bewustzijn onder jongeren te vergroten, wil Bussemaker overleggen met haar collega van Sociale Zaken. Die is al bezig met een plan.

Ook steunt ze een speciaal plan van het Nibud, het instituut voor budgetvoorlichting.