De Tweede Kamer wil weten of het klopt dat de overheid jarenlang het bestaan van een omvangrijk pedofilienetwerk heeft gedoogd, waar zes politie- en justitiemedewerkers deel van zouden hebben uitgemaakt.

VVD, SP, CDA, SGP en VNL hebben woensdag de nieuwe minister van Justitie Ard van der Steur om opheldering gevraagd.

Aanleiding voor de vragen is het bericht van het AD van afgelopen weekeinde waarin Martin de Witte, de advocaat van een voormalig jongensprostituee, bekendmaakte een verzoek bij de rechtbank te hebben ingediend om getuigen te horen over het gedogen van pedofilie in Amsterdam in de jaren 80 en 90.

Volgens de advocaat was de 'pedoprostitutie' met minderjarige jongens bekend bij de GGZ en wist de overheid van het bestaan van de 'pedobordelen'.

"Door de misbruikproblemen te negeren, is de overheid mede schuldig", zei De Witte tegen de krant. De SP en het CDA willen weten of het klopt dat deze signalen bekend waren en willen dat de rol van de overheid en de gemeente Amsterdam hierin onderzocht wordt.

Demmink

Het verzoek aan de rechtbank om getuigen te horen is saillant, omdat op de lijst de namen van oud-minister Ivo Opstelten en oud-staatssecretaris Fred Teeven (beide Justitie) staan, net als die van voormalig topambtenaar van Justitie Joris Demmink.

Demmink, die al jaren in verband wordt gebracht met kindermisbruik, zou een van de hoge politie- en justitieambtenaren zijn die in beeld waren in het zogenoemde Rolodexonderzoek naar georganiseerde kindermisbruik door hooggeplaatste figuren. Fred Teeven was destijds een van de officieren van justitie in het onderzoek.

Kamervragen

De VVD wil weten of het klopt dat een dergelijk strafrechtelijk onderzoek heeft plaatsgevonden. Het CDA en VNL vragen zich af of het klopt dat er zes politie- en justitiemedewerkers verdacht zijn geweest van pedoseksuele handelingen met minderjarigen.

Omdat het om hooggeplaatste figuren binnen Justitie zou gaan, wil de SGP weten of het mogelijk is onafhankelijk onderzoek te doen naar het vermeende misbruik of andere ernstige delicten door de topambtenaren.

De vorige minister van Justitie Opstelten verdedigde Demmink meerdere malen. In de Volkskrant noemde hij Demmink, die hij kent van de rechtenstudie in Leiden waar zij lid waren van het Leids studentencorps Minerva, "een goede bekende". 

Opstelten zei eerder nog over de betrokkenheid van Demmink in het Rolodex-onderzoek: "Het was niks, het is niks en het wordt niks."

VNL wil van de nieuwe minister van Justitie Van der Steur weten of hij op dezelfde manier tegen de zaak aankijkt.