De informatie die het kabinet voor de ramp met de vlucht MH17 had over de veiligheidssituatie van het Oekraïense luchtruim, leidde niet tot de conclusie dat er extra maatregelen getroffen moesten worden, zoals het op de hoogte stellen van de luchtvaartmaatschappijen.

Dat terwijl daags voor het neerstorten van het toestel van Maysia Airlines een Nederlandse diplomaat in Kiev op de hoogte was gesteld van het feit dat een Oekraïens militair vrachtvliegtuig van grote hoogte uit de lucht was geschoten.

Deze informatie was bekend in Den Haag, zo blijkt uit een brief die ministers Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) en Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) donderdagavond naar de Kamer stuurden.

Kamerleden Pieter Omtzigt (CDA) en Sjoerd Sjoerdsma (D66) hadden Kamervragen gesteld naar aanleiding van een bericht van de NOS. Die stelde dat een groep diplomaten voor de MH17-ramp onder andere zou zijn bijgepraat over de veiligheidssituatie van het Oekraïnse luchtruim.

Cruciaal

Donderdag erkende het kabinet dat dat het geval is geweest en dat de Nederlandse ambassade in Kiev via 'de gebruikelijke interdepartementale kanalen' over de bijeenkomst heeft gerapporteerd. Een verslag van de Oekraïense veiligheidsbriefing was richting Den Haag verstuurd en is bij meerdere ministeries terechtgekomen, schrijft het kabinet.

Dat bevreemdt D66'er Sjoerdsma: "Oekraïne heeft Nederland geïnformeerd. Tegelijkertijd zegt het kabinet luchtvaartmaatschappijen niet te hebben gewaarschuwd. Waarom is dat niet gebeurd?"

Kamerlid Omtzigt stelde in een eerdere reactie dat deze informatie cruciaal is, omdat het neergeschoten vrachtvliegtuig op zes á zeven kilometer hoogte vloog. Gevechtsmateriaal dat een vliegtuig op die hoogte kan raken, kan ook een vliegtuig op tien kilometer treffen, aldus Omtzigt. Andere vliegtuigmaatschappijen hadden hun vliegroutes namelijk aangepast. Malaysia Airlines en KLM echter niet.

Volgens het kabinet was het geen geheim dat een Oekraïens vrachtvliegtuig was neergehaald. "Dàt er militaire vliegtuigen boven Oost-Oekraïne werden neergeschoten, was algemeen bekend. Daar is door verschillende media over bericht”, schrijven de bewindsmannen in de brief.

Dat andere luchtvaartmaatschappijen hun vliegroutes hebben aangepast heeft volgens het kabinet niet te maken met de veiligheidssituatie in oost-Oekraïne, maar was dat een direct gevolg van de onrust rond de annexatie van de Krim.

Route

De informatie die het kabinet had was dat de Oekraïense autoriteiten het luchtruim boven 9,7 kilometer veilig hadden verklaard en de MH17 vloog boven die hoogte. De Nederlandse veiligheidsdiensten hebben die gegevens gedeeld met de luchtvaartdiensten. 

Premier Mark Rutte bevestigt de lezing dat het luchtruim boven de grens boven de 9,7 kilometer was vrijgegeven door de autoriteiten van Oekraïne. "We hadden geen aanwijzingen dat het boven de grens van 9,7 kilometer gevaarlijk was'', aldus de premier.

Rutte onderstreepte dat landen volgens internationale afspraken zelf bepalen of hun luchtruim veilig is. Het is niet de taak van regeringen om luchtvaartmaatschappijen te waarschuwen.

Omtzigt neemt geen genoegen met de beantwoording. "Het is dus duidelijk dat meerdere ministeries op de hoogte waren van de briefing over de veiligheidssituatie. Ik wil precies weten wat er is gedeeld en wie er op de hoogte waren”, zegt Omtzigt tegen NU.nl.

Daarnaast wil het Kamerlid precies weten wat er in het verslag van de ambassade stond dat naar Den Haag is gestuurd en welke discussies er over de vliegveiligheid in oost-Oekraïne zijn gevoerd.

Ook Sjoerdsma is niet tevreden. Hij wil weten van welk van de neergestorte vliegtuigen en helikopters in het oosten van Oekraïne het kabinet op de hoogte was. 

Onderzoek

Dinsdag werd bekend dat op aandringen van de Onderzoeksraad Voor de Veiligheid (OVV) om een onderzoek is gevraagd naar wat er precies bij de Nederlandse inlichtingendiensten AIVD en MIVD bekend was over de veiligheidssituatie in oost-Oekraïne voor de ramp met vlucht MH17.

De Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) die verantwoordelijk is voor het onderzoek zal een inschatting moeten maken van het belang van de informatie die de diplomaat daags voor de ramp naar Den Haag stuurde en wat daar precies mee gedaan is.

Lering

De Stichting Vliegramp MH17 wil vooral dat er goed onderzoek wordt gedaan naar de veiligheidssituatie in het luchtruim boven het oosten van Oekraïne rond het moment dat het toestel van vlucht MH17 daar hoogstwaarschijnlijk werd neergeschoten.

''Er moet duidelijkheid komen over wat wel en niet goed is gegaan'', benadrukt voorzitter Piet Ploeg. ''Dat is heel belangrijk om lessen te leren, zodat dit in de toekomst niet meer kan gebeuren.''

Video: Opstelten over kritiek op informatie rond MH17