De Raad van State (RvS) heeft kritiek op het wetsvoorstel van het kabinet dat scheiden bij een ambtenaar van de burgerlijke stand mogelijk maakt. 

De belangrijkste adviseur van de regering twijfelt of het de burger veel tijd- en kostenbesparing oplevert.

Op dit moment moeten aan een echtscheidingsprocedure nog altijd een rechter en een advocaat te pas komen. Volgens het voorstel van staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie) kunnen echtparen in de nabije toekomst hun echtscheiding zelf regelen via de ambtenaar van de burgerlijke stand, mits ze het onderling eens zijn en geen minderjarige kinderen hebben.

De raad zet in een dinsdag gepubliceerd advies vraagtekens bij de stelling dat de nieuwe wijze van scheiden tijd en kosten bespaart.

Er is slechts een verschil in behandeltijd tussen de procedure voor de rechter en de ambtenaar van een tot vier weken, aldus de RvS. Ook zijn er kosten die in veel gevallen zowel bij de rechter als ambtenaar gemaakt worden zoals het juridisch advies over de gevolgen van de echtscheiding en de boedelverdeling.

Gevolgen

Ook het feit dat de ambtenaar niet nagaat of de echtgenoten de gevolgen van de scheiding goed hebben geregeld, stuit op bezwaren. De raad pleit voor waarborgen waaruit blijkt dat de betrokkenen zaken als bijvoorbeeld de alimentatie en de woning hebben geregeld.

Het uitspreken van een scheiding past volgens de raad ook niet bij de taak die de ambtenaar van de burgerlijke stand in het burgerlijke recht heeft.

In ons land scheiden jaarlijks zo'n 34.000 echtparen. Het kabinet verwacht dat zeker zevenduizend mensen jaarlijks bij de burgerlijke stand gaan scheiden.