Artsen en therapeuten die in hun werk zeer grove fouten hebben gemaakt, mogen nooit meer patiënten behandelen, op wat voor manier dan ook.

Dat stelt minister Edith Schippers van Volksgezondheid.

En ook als ze buiten het werk een ernstig misdrijf hebben gepleegd, zoals een gewelds- of zedenmisdrijven, mogen ze niet meer als arts werken.

De minister kondigde woensdag aan dat zij werkt aan een beroepsverbod via het tuchtrecht. De patiëntenfederatie NPCF is ''hartstikke blij met dit plan’’, zegt directeur Wilna Wind.

''Een arts moet zich bewust zijn van de grote verantwoordelijkheid die hij of zij heeft. Als er dus grote fouten gemaakt worden, mag er niet meer met patiënten gewerkt worden, klaar’’, aldus Wind.

Een treffend voorbeeld is de tuchtzaak tegen een arts die in 2003 zijn ex-vrouw door junks met benzine liet overgieten en daarna in brand steken. Het Regionaal Tuchtcollege in Zwolle besloot in eerste instantie dat de man als arts kon blijven werken want de strafbare feiten waren in het privéleven gepleegd.

En dat was precies wat hij deed nadat hij zijn celstraf had uitgezeten, hij ging aan de slag in een verpleeghuis in Enschede. Momenteel loopt het hoger beroep tegen deze beslissing want de Inspectie voor de Gezondheidszorg wil dat de man nooit meer in de medische wereld aan het werk mag. De uitspraak wordt komende maand verwacht.

BIG-register

Iedere arts, therapeut of verpleegkundige die in Nederland werkt, staat ingeschreven in het BIG-register. Een tuchtrechter kan een sanctie opleggen als er fouten gemaakt zijn, met als zwaarste straf een doorhaling uit het BIG-register. Maar zelfs als iemand is doorgehaald, kan hij of zij nog in opdracht en onder toezicht van een officieel geregistreerde collega aan de slag. Dat moet nu veranderen, vindt de minister.

Schippers is al langer bezig met betere uitwisseling met het buitenland, met het doel dat artsen die hier in de fout gaan ook niet meer in het buitenland kunnen werken. Dat was bijvoorbeeld bij ex-neuroloog Ernst Jansen en tandarts Mark van Nierop het geval. Beiden kregen hier een beroepsverbod, maar gingen vervolgens in respectievelijk Duitsland en Frankrijk weer aan het werk.