De Tweede Kamer houdt snel een debat over de Turkse kritiek op het Nederlandse integratiebeleid.

De ministers Bert Koenders van Buitenlandse Zaken en Lodewijk Asscher van Sociale Zaken moeten zich daarin verantwoorden voor de manier waarop ze hebben gereageerd op een omstreden verklaring van de Turkse overheid.

Dat heeft de Kamer dinsdag besloten. Ankara beschuldigde Nederland er vorige week van de Turkse gemeenschap in ons land te discrimineren en op een racistische manier te bejegenen. Koenders vroeg daarop om opheldering bij de Turkse autoriteiten.

De Turkse regering stelde daarna dat Turkije geen kritiek heeft op de Nederlandse overheid of politiek en dat Nederland geen racistisch land is, maar dat er wel zorgen zijn over racistische uitingen in de samenleving.

Voorafgaande aan het debat, dat door de PVV is aangevraagd, moeten de ministers een brief over de kwestie aan de Kamer sturen. Asscher is in het kabinet verantwoordelijk voor het integratiebeleid.

Koenders

Koenders heeft dinsdag in Brussel nog een "openhartig en constructief'' gesprek gehad met zijn Turkse collega Mevlüt Cavusoglu. 

Koenders heeft daarin nogmaals gezegd dat Nederland een eigen integratiebeleid voert en dat Turkse inmenging daarbij niet op prijs wordt gesteld.

Die boodschap ''blijven we uitdragen'', zei minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking). Ze benadrukte dat het integratiebeleid een Nederlandse zaak is en dat Nederlanders van Turkse afkomst ''in vrijheid hun keuzes kunnen maken''.

Cavusoglu heeft Koenders vervolgens uitgenodigd om naar Turkije te komen om daar verder te spreken, aldus de Nederlandse minister.

Verklaring

Volgens PVV-Kamerlid Raymond de Roon, die Ploumen aan de tand voelde, probeert het kabinet de zaak te bagatelliseren en gedraagt de regering zich als een ''slappe dweil''.

De PVV en partijen als de ChristenUnie en D66 vinden dat Nederland Turkije alsnog moet vragen de verklaring van de overheidssite af te halen. Ploumen zegde dat niet toe, maar zei dat Nederland z'n positie duidelijk heeft gemaakt en dat het gesprek met de Turken nog niet ten einde is.

Minister Koenders schrijft dinsdag dat de omstreden verklaring niet kan worden ingetrokken. De minister reageert daarmee op vragen van de VVD.

"Wat betreft het weghalen van de verklaring van de website kan erop worden gewezen dat het hier de weergave betreft van publieke uitspraken van een woordvoerder in reactie op gestelde vragen. Het betreft geen verklaring die als zodanig kan worden ingetrokken'', aldus Koenders.

Bekijk reacties van de Roon en Ploumen:

Onmin

De verklaring leidde vorige week tot onmin tussen Den Haag en Ankara. Koenders nam contact op met zijn ambtgenoot om zijn ongenoegen te uiten. Volgens hem heeft Ankara laten weten dat ''er geen sprake is van een Turkse beschuldiging tegen de Nederlandse regering, het Nederlandse volk of Nederland als land''.
 
Minister Lilianne Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking zegt dinsdag dat voor het kabinet het belangrijkste is om de positie van de Turkse regering uit de mond van minister Mevlüt Çavuşoğlu van Buitenlandse Zaken te horen. ''Daar gaan wij van uit.'' Ze nam tijdens het vragenuurtje de afwezige Koenders waar.

Muggenzifterij

Daarnaast kwam Asscher dinsdag in de Tweede Kamer in aanvaring met D66-Kamerlid Steven van Weyenberg. Hij verwijt de PvdA-vicepremier dat hij eerdere kritische uitspraken over Turkse organisaties in Nederland heeft afgezwakt.

Volgens Van Weyenberg heeft de minister in de discussie over integratie al diverse malen ,,grote woorden'' gebruikt, om vervolgens wat terug te krabbelen. Zo was Asscher aanvankelijk fel over de bemoeienis van Turkije met het beleid in Nederland en matigde hij daarna zijn toon. ,,Ik maakte daar opmerkingen over en ik constateer dat Asscher geprikkeld reageerde. Dat is aan hem. Ik debatteer alleen over de inhoud,'' zegt de D66'er.

Asscher noemt die opmerking ''muggenzifterij''.

Asscher kondigde enkele maanden geleden aan dat hij een aantal conservatief-religieuze Turkse organisaties gaat ''monitoren'', omdat hij vindt dat ze de integratie van Turken in Nederland dwarsbomen. 

Later zei hij dat ''monitoren'' niet betekent dat hij die organisaties ''in een theehuis met gaatjes in een krant'' in de gaten gaat houden. Volgens Van Weyenberg temperde hij daarmee zijn eerdere woorden. In een toelichting na het debat zei Asscher geen bezwaar te zien tegen het gebruik van het woord muggenzifterij. ''Maar ik zal nog eens bestuderen of er geen betere term is.''

Opstappen

Een conflict over Asschers aanpak van de Turkse organisaties was vorige maand voor de Kamerleden Tunahan Kuzu en Selcuk Öztürk aanleiding uit de PvdA te stappen. Zij zijn hun eigen fractie begonnen.
 
Öztürk diende dinsdag een motie in waarin hij verzocht om groeperingen te verbieden als ze ingaan tegen de vrijheden uit de Grondwet. Asscher noemde dat een ''flutmotie'', een woord dat hij na een opmerking van de Kamervoorzitter weer introk.

CDA-Kamerlid Pieter Heerma kwam bij de behandeling van de begroting van Asscher vorige week met een vergelijkbare motie. Aan dat begrotingsdebat namen Kuzu en Öztürk niet deel. Over de motie van Heerma was Asscher overigens in beginsel positief.