Het kabinet heeft kritiek op leuzen die Turkse demonstranten begin juni uitten bij een betoging tegen het Armeense genocidemonument in Almelo. 

Dat blijkt uit een brief van minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken aan de Tweede Kamer.

"Het kabinet is van mening dat de gebruikte leuzen en gespeelde muziek tijdens de demonstratie in Almelo niet bijdragen aan een oplossing van deze ernstige kwestie", aldus Koenders.

Bij de demonstratie bij het in april onthulde monument werden teksten gescandeerd als "Karabach zal het graf van de Armeniër worden".

Een band in Ottomaanse uniformen speelde oude Turkse legermuziek. Dat wordt gezien als een provocatie naar de Armeniërs, omdat de massamoord door Turken op Armeniërs in 1915 gepleegd werd ten tijde van het Ottomaanse regime. Turkije heeft de genocide altijd ontkend.

Opheldering

In de Kamer vroegen CDA, SP, PVV, ChristenUnie en SGP het kabinet in juni opheldering over de bemoeienis van de Turkse overheid bij de demonstratie.

Koenders antwoordt dat het kabinet de Turkse autoriteiten erop heeft gewezen dat de kwestie van de Armeense genocide gevoelig ligt. Turkije is opgeroepen "verantwoordelijk om te gaan met deze situatie".

'Geen overheidsbemoeienis'

De Nederlandse ambassadeur in Ankara heeft in juni een gesprek gehad bij het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken, waarbij de demonstratie op 1 juni ook aan de orde is gesteld.

Op vragen van de ambassadeur werd geantwoord dat er "geen directe Turkse overheidsbemoeienis is geweest met de organisatie van de demonstratie in Almelo", aldus Koenders.