Jonge kinderen met een taalachterstand kunnen op meer plekken terecht voor het leren van de Nederlandse taal. Ook de kwaliteit van deze voor- en vroegschoolse educatie (vve) is verbeterd.

Dat concludeert staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Sander Dekker in een brief die hij dinsdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. 

Het aantal vve-plaatsen in de 37 grootste gemeenten is gestegen van bijna 36.000 in 2011 naar bijna 43.000 dit jaar. In deze opvang krijgen kinderen spelenderwijs te maken met taal en leren.

Om de kwaliteit te verbeteren moet het taalniveau van de pedagogische medewerkers omhoog naar niveau havo of mbo-4. Alle zevenduizend medewerkers zijn getoetst en van hen heeft twee derde het gewenste niveau bereikt.

De rest wordt nu bijgeschoold. Ook zijn er meer hbo-opgeleiden in deze sector bijgekomen om hen te begeleiden.

Schakelklassen

Voor leerlingen die op de basisschool achterlopen met hun taalontwikkeling zijn er meer schakelklassen en zomerscholen bijgekomen.

In de G37 zijn dit jaar al ruim duizend schakelklassen en 214 zomerscholen gerealiseerd. Dat moet volgend jaar verder omhoog naar 1.380 schakelklassen en 220 zomerscholen.

Dekker heeft voor de uitbreiding en verbetering tussen 2012 en 2015 per jaar 95 miljoen euro beschikbaar gesteld.