Burgemeester Peter Noordanus van Tilburg heeft maandagavond scherp gereageerd op een motie van wantrouwen vanwege zijn rol bij het debacle van woningcorporatie Vestia. 

Drie oppositiepartijen beschuldigden hem in de motie van fraude.

''De beschuldiging van valsheid in geschrifte is juridische flauwekul. Het is loepzuivere smaad en misschien wel laster. Ik laat me niet uitmaken voor crimineel'', reageerde hij.

Aangifte doen vindt hij te vermoeiend en gaat hij niet doen. Voor de motie was geen meerderheid.

Voorzitter

Noordanus was van 2001 tot 2003 voorzitter van de raad van commissarissen bij woningcorporatie Vestia die later in ernstige problemen raakte door grote financiële risico's. De Parlementaire Enquêtecommissie Woningcorporaties concludeerde vorige week dat het interne toezicht bij Vestia niet heeft gefunctioneerd. De raad van commissarissen was medeverantwoordelijk voor het debacle bij Vestia, aldus de enquêtecommissie.

Er werd bovendien geconstateerd dat directeur Erik Staal de grootste salarissprong maakte in de tijd dat Noordanus commissaris was. Hij ging 5 ton per jaar verdienen (inclusief pensioen). Noordanus was betrokken bij de omstreden afspraak die ervoor zorgde dat Staal bij zijn vertrek nog 3,5 miljoen euro pensioen kreeg.

Initiatief

Het initiatief voor het opzeggen van het vertrouwen in de burgemeester kwam van de Lijst Smolders Tilburg, die dit jaar terugkeerde in de gemeenteraad. Fractievoorzitter Hans Smolders meent dat de burgemeester ongeloofwaardig is geworden.

Noordanus herhaalde maandag zijn standpunt dat het goed ging met Vestia in zijn tijd. ''Het derivatendebacle is mij niet aan te rekenen en laat ik me ook niet aanpraten.''