Europa doet te weinig om het welzijn van dieren in de Europese Unie te bevorderen. Dat zegt staatssecretaris Sharon Dijksma (Landbouw) in een interview met NU.nl. 

Daarom organiseert Dijksma samen met Duitsland en Denemarken een dierenwelzijnstop. Daar zal ze afspraken maken om dierenwelzijn op de Europese agenda te krijgen.

"Het is een idioot gegeven dat in de transportverordening voor het vee staat dat je 24 uur mag rijden terwijl wij vinden dat dat beperkt zou moeten worden tot maximaal 8 uur per dag", zegt Dijksma.

Een dierenwelzijnstop, waarom?

"Nederland loopt voorop als het gaat om dierenwelzijn. Dat zie je bij zowel huisdieren, als landbouwdieren. Zo hebben we sinds mijn aantreden (als staatssecretaris van Economische Zaken in 2012, red.), ons ingezet om bijvoorbeeld het veetransport te verbeteren, maar ook om ingrepen bij dieren te verminderen."

Over wat voor ingrepen heeft u het dan?

"Bijvoorbeeld het kappen van snavels, het koudmerken van koeien, of het castreren van biggen.

We zijn nu samen met de boeren en de dierenbescherming bezig om langzamerhand af te komen van het knippen van de staartjes van de biggen.

Nederland levert daar goed werk, maar het is belangrijk dat wij op Europees niveau op dezelfde manier met dit soort zaken omgaan."

Waarom is dat belangrijk?

"Allereerst voor de dieren. Het helpt dat ze in Nederland goed beschermd worden, maar het is nog veel beter als we dat in heel Europa zouden doen."

Maar toch niet alleen voor de dieren?

"Het helpt ook onze boeren, want hun concurrentiepositie wordt natuurlijk steviger op het moment dat iedereen in Europa zich aan dezelfde regels moet gaan houden."

Nederland is na de Verenigde Staten de grootste exporteur van agrarische producten. Vorig jaar steeg de export naar een recordbedrag van 79 miljard euro en daarmee is de sector belangrijk voor de Nederlandse economie. Hoe moeilijk is het om te zoeken naar de juiste balans tussen dierenwelzijn en het opvoeren van de productie?

"Nederland levert in het vinden naar die balans juist heel erg goed werk. Maar het is wel fijn als allerlei landen om ons heen die balans ook gaan vinden.

Dat gelijke speelveld vinden wij heel belangrijk. We stellen terecht veel eisen aan onze boeren, ze voldoen daar vaak ook goed aan. Maar we willen ook dat hun positie ten opzichte van de andere boeren in Europa gelijkwaardig is. Anders tast dat onze exportpositie aan."

Doen die andere Europese landen het dan zo slecht?

"Gelukkig zeggen enkele Europese lidstaten: op dat gebied moeten we elkaar beter vinden.

Nederland heeft met een aantal landen vastgesteld dat we eigenlijk moeten zorgen dat de rest van Europa het been een beetje bij gaat trekken.

Daarom heb ik met de Duitse en Deense minister van Landbouw afgesproken dat we, het liefst dit jaar nog, in Nederland een dierenwelzijnstop gaan organiseren."

Wat moet ik me daarbij voorstellen?

"We zullen zaken bespreken als: hoe gaan we om met landbouwdieren, of met ingrepen bij dieren, of het idiote gegeven dat in de transportverordening voor het vee staat dat je 24 uur mag rijden terwijl deze drie lidstaten vinden dat dat beperkt zou moeten worden tot maximaal 8 uur per dag.

Wij willen samen kijken hoe wij dit soort zaken op de Europese agenda gaan zetten.

Nederland is bovendien een van de landen die in 2016 het voorzitterschap van de Europese Unie bekleedt. Daarmee is deze top een goede opmaat naar een agenda die wij als voorzitter in Europa willen neerzetten."

Waarom zijn er geen Oost-Europese landen uitgenodigd voor uw top? Dat zijn toch de landen waar het zo vreselijk fout is gegaan met bijvoorbeeld de paardenvleesschandalen?

"Bij de top gaat het er in eerste instantie om dat wij samen met de verschillende dierenbeschermingsorganisaties afspraken willen gaan maken over wat nou onze kernpunten zijn als het om dierenwelzijn gaat. Wat moet er echt als eerste geregeld worden?

Daarnaast komen de Denen en Duitsers naar de top om afspraken te maken over hoe we ervoor gaan zorgen dat niet alleen wij als drie landen dit doen, maar ook de andere landen.

Dus, hoe gaan we strategisch aanpakken dat die Oost-Europese landen, maar ook de zuidelijke lidstaten, op dit onderwerp gaan meedoen."

Waarom heeft u zoveel haast om die de top binnenkort en het liefst nog dit jaar te organiseren?

"We hebben net een nieuwe Europese Commissie en er is een nieuwe commissaris Landbouw die zich zal buigen over nieuwe voorstellen. Wij denken dat het een goed moment is om dierenwelzijn meteen op de agenda te zetten."

Wat moet er dan op die agenda terecht komen?

We hebben drie hot buttons die wij zouden willen agenderen: het veetransport dat van 24 uur op een dag terug moet naar 8 uur op een dag. Ten tweede de ingrepen bij de dieren: het snavelkappen, staartjes knippen of het castreren van biggen. Het derde onderwerp is de huisdieren: welke dieren kun je wel en niet houden. Daarvan vindt de dierenbescherming het belangrijk dat dat onderwerp ook Europees wordt opgepakt.

U onderkende al eerder dat wij een van de grootste agrarische exporteurs van de wereld zijn. Tegelijk zijn er vorig jaar opnieuw boeren failliet gegaan en over een periode van dertien jaar zelfs een derde van de Nederlandse boerenbedrijven. De productie is echter alleen maar toegenomen. Dat betekent dat de boerenbedrijven steeds groter worden en grootschaliger produceren. Ondertussen neemt in Nederland de vraag naar verantwoord en biologisch voedsel alleen maar toe. Hoe zorgt u ervoor dat juist die verantwoorde boeren die voor de Nederlandse markt produceren het kunnen opnemen tegen de grote boerenbedrijven en kunnen groeien?

"Het klopt dat de vraag naar duurzaam geproduceerd voedsel ook in Nederland elk jaar weer stijgt, dat betekent dat er een markt is voor dit soort producten. Die markt is groeiende en niet alleen in Nederland. In Duitsland bijvoorbeeld is die markt zo booming, dat de biologische boeren niet meer aan de vraag kunnen voldoen.

Dat betekent dat ook daar echt kansen liggen voor Nederlandse biologische boeren om in dat gat te springen.

Ondertussen zijn wij in Nederland bezig om in die hele keten, niet alleen met de boeren maar ook bijvoorbeeld met voedselproducenten en supermarkten, afspraken te maken over wat nou een goed verdienmodel is voor duurzaam voedsel.

Er moet namelijk een redelijke prijs komen voor de producten waar extra energie in wordt gestoken en waar extra investeringen voor nodig zijn."

Welke rol heeft het kabinet daarin?

"Het ministerie van Economische Zaken geeft op verschillende manieren voorrang aan boeren die duurzaam werken. Zo subsidiëren we bijvoorbeeld 'Rondeel'-stallen voor kippen, die goed zijn voor dierenwelzijn en milieu.

Ook is Nederland komend jaar 'Land van het Jaar' bij de Biofach in Neurenberg, de grootste biologische landbouwbeurs van Europa. Ik ga daarheen om de export van Nederlandse biologische producten te stimuleren.

Tegelijk staat vast dat Nederlanders relatief weinig geld willen uitgeven voor hun voedsel. Het is echt van belang dat als je als consument met je hart wil kiezen voor duurzame producten, je dat ook met je portemonnee wil doen. En dan niet bij de kassa denken: hmm, dit is eigenlijk best duur, laat ik maar iets anders nemen. Het moet namelijk niet de boer zijn die opdraait voor die meerprijs."

Zouden de biologische boeren niet een nog groter steuntje in de rug moeten krijgen om die prijzen van de duurzame producten te dempen? Er gaat al enorm veel Europese subsidie naar de andere veehouders, zouden de duurzame boeren niet meer moeten krijgen?

"We hebben net een discussie achter de rug over de verdeling van de Europese subsidies. Daar hebben we een aantal stevige keuzes gemaakt ten gunste van de verduurzaming.

De premies die de boeren krijgen, zijn vergroend. Als boer moet je verduurzamen en meer aan  biodiversiteit doen. Pas dan kom je in aanmerking voor extra geld."

Gelet op de vele voedselschandalen van de afgelopen periode en de toenemende productie, is het niet mogelijk om de Europese subsidies te gebruiken voor de versterking van de inspectie, namelijk de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)?

"Dat is heel ingewikkeld. In principe zijn die subsidies bedoeld voor het boerenerf. Dat is in Europese richtlijnen vastgelegd. Wij mogen niet op eigen houtje bepalen waar wij dat geld voor gebruiken. Ik investeer deze begroting wel weer in de NVWA."

U investeert 33 miljoen, maar dat is een verzachting van de bezuiniging.

"Maar dat is wel nodig. Wij willen dat de NVWA het gezag heeft van een autoriteit die ook echt ingrijpt op het moment dat het mis dreigt te gaan.

Het is wel zo dat de boeren indirect meer gaan bijdragen. De sector zal voor 10 miljoen bijdragen aan het herstel van de NVWA. Daarmee neemt ook het bedrijfsleven de verantwoordelijkheid voor het herstel."